Laatste dag bij Nice

Gecategoriseerd onder: Op stap — Mama om 12:12 am op Friday, August 18, 2006

Ja liefje, vandaag was inderdaad je allerlaatste dag bij de onthaalmoeder. Je wordt echt zo snel groot…
Deze morgen heb ik je een beetje laten slapen, want je was verschrikkelijk moe, zo erg zelfs dat je door papa’s douchelawaai en alles heen hebt geslapen. Rond een uur of negen mocht je toch bij mij in bed je flesje drinken, en heb je eigenlijk vooral ‘kleine baby’ gespeeld. Blijkbaar heb je wat schrik van alle veranderingen, en wil je terug naar dat kleine molletje dat nog niks kon en moest. Rond half tien was je bij Nice, en zo te horen heb je er een prima dagje gehad.

Om half zes ging ik je ophalen, en er lag zowaar een cadeautje voor je klaar: een kleurblok en een set potloden voor op school ! Jij mocht ook cadeautjes uitdelen: een theelichtjeshouder voor Nice, en een make-up-speeldoos voor Sarah omdat zij zoveel met jou heeft gespeeld. Ik heb nog wat fotootjes genomen, we hebben nog wat staan praten, en toen hebben we afscheid genomen. Oh, je zal Nice en Sarah nog wel zien, want Sarah zit op dezelfde school als jij. Toch deed het raar… Jij besefte natuurlijk niet echt wat er aan de hand was.

Thuisgekomen wilde je meteen naar boven, want ik had je beloofd dat we samen valiezen gingen maken. We vertrekken morgen namelijk voor een lang weekend naar Center Parcs, wat jij ‘vakantie’ noemt ! Je was helemaal opgewonden, en samen hebben we een grote zak uitgezocht en er een hoop kleertjes en dergelijke in gestoken. Jij was wat moe, en wilde opnieuw ‘kleine baby’ spelen: je kroop in je zeteltje onder je favoriete handdoek, met een tuut en een knuffelbeestje uit je bed, en zat er eigenlijk meer te lachen dan wat anders. Toen ik verhuisde naar ons slaapkamer, verhuisde je uiteraard mee en kroop je in ons bed onder de dekens. Even dacht ik dat je daar misschien in slaap ging vallen, maar nee hoor, onvervaard ging je op (imaginaire) muggenjacht, wreef je je arm in met bodylotion, deed alle kastdeuren dicht en weer open, sleepte een krukje de hele verdieping door, en schaterde ondertussen dat het een lieve lust was. Honger leek je niet te hebben.

Tegen kwart voor zeven zijn we dan maar naar beneden gegaan omdat ik nu toch echt wel moest beginnen koken. Jij wilde nog steeds geen boterham, maar ging met knuffelhanddoek en beestjes en zo in de zetel naar tv kijken. Pas toen papa thuiskwam en ik de tafel wilde zetten, zei jij vol enthousiasme dat je nu ging eten. Hmm, ik had twee personen voorzien, geen drie. Vlees was er genoeg, en ik heb dan maar een blik erwtjes opengedaan, tot jouw grote vreugde. Ik weet niet waarom, maar je bent stapelgek op erwtjes, ook al heb je de grootste moeite om ervan te eten. Die kleine groene bolletjes gaan dan ook alle richtingen uit, bij voorkeur NIET in je mond :-p

Daarna werd je nog even rustig in de zetel, en vloog je je bed in. Zonder pardon. Ik moest namelijk weg. Papa vertelde me daarnet dat je toch nog op bent geweest en met hem in de zetel hebt gezeten. Je wilde niet slapen, je ging wel op vakantie slapen, zei je. Ah bon. Gelukkig slaap je ondertussen wel, en diep ook. Ik hoop alleen dat je niet te vroeg wakker bent, zodat papa en ik rustig alles kunnen inpakken en in de auto zetten zonder voortdurend een klein mormel dat ons voor de voeten loopt :-p Want je zal uiteraard helemaal niet enthousiast zijn, nee hoor. Zo kennen we je helemaal niet.

Zoektocht

Gecategoriseerd onder: Op stap — Mama om 8:51 pm op Wednesday, August 16, 2006

Half negen gepasseerd, en jij ligt net in bed. Je geeft geen gebenedijde kik meer, en dat verwondert me totaal niet.
Deze morgen begon eigenlijk niet zo goed: jij wou absoluut niet je kleren aandoen, net zoals gisteren, maar wilde perse bij mij in bed. Probleem was dat ik al niet meer in bed lag, en dat het de bedoeling was dat papa jou bij Nice afzette, op weg naar kantoor. Je brulde dat het een lieve lust was, ging de badkamer uit, deed netjes de deur achter je dicht, en toen ik een paar minuten later ging kijken, zat jij rechtop in mijn bed, netjes onder de dekens. Hmm. Van wie zou jij die koppigheid hebben ? In elk geval heb ik even met je gepraat en kwam ik onder andere te weten dat jij eigenlijk een beetje bang was voor de grote school. Het feit dat Wout daar ook ging zijn, veranderde niks aan de situatie. Ach, we zullen wel zien op één september, ik ben er vrij zeker van dat je het leuk gaat vinden.
Toen ik echter zei dat je toch mee moest naar de badkamer om je kleren aan te doen, begon je opnieuw te huilen. Ik heb je toen even doen luisteren, en gezegd dat je hoe dan ook kleren ging aandoen: ofwel vechtend, ofwel meegaand, maar dat het eigenlijk geen verschil uitmaakte, dat het vechten alleen minder leuk was. Ergens begreep je dat wel, dus je bleef huilen, maar stribbelde niet echt tegen toen ik je meenam. Je hebt zowat de hele tijd zitten huilen terwijl ik je kleren aandeed, maar je vocht tenminste niet terug, en dat is al heel wat. Ik begon op een bepaald moment onnozele geluidjes te maken, en je stopte zowaar met huilen. Toen ik verder in een soort onbegrijpelijk monstertaaltje commentaar gaf op alles wat er gebeurde, begon je te schateren. Op die manier zijn we dan naar beneden gegaan en heb je twee boterhammen gegeten, allemaal overgoten met onnozele keelgeluiden en gebrabbelde klanken.
Tegen 13.00u heb ik je dan opgehaald bij Nice, en die vertelde dat je de hele morgen had zitten geeuwen voor dood. Hmm, en ik die nog al die plannen had voor de rest van de dag ! We zijn eerst doorgereden naar de Lidl voor onze boodschappen, en opnieuw heb je aan de kassa alle harten gestolen van de aanwezigen door je ongelofelijk lieve en snedige commentaar bij alles en iedereen. God jij bent een babbelgat !
Daarna wilde ik thuis alles uitpakken en vooral ook de gigantische rommel in de keuken opruimen, maarre… Plots stond jij naast me en zei met beteuterd gezicht dat je pipi had gedaan. Ja hoor, je stond temidden van een grote plas, met zowel je salopette, je T-shirt, je kousen als je schoenen kletsnat. Fijn. Mopperend trok ik je kleren uit, waarop jij met een blij gezicht zei: ‘Nu een warm badje ?’ Ahh… Dàt is misschien een van de redenen dat je het niet erg vindt om in je broek te plassen: je mag daarna spelen in bad ! Tijd om daar verandering in te brengen, en dus heb ik je gewoon gewassen met koud water, tot groot ongenoegen van jouw kant. Verse kleren aan, en toen was oma daar al. Tot zover het opruimen van de rommel dus.
Samen met oma zijn we dan de auto in gestapt, op weg voor een autozoektocht in de grensstreek rond Sas Van Gent en Moerbeke en zo. Op die manier konden we nog wat profiteren van dit ene dagje lekker weer, zonder al te veel schrik te moeten hebben van een eventuele regenbui. Al bij onze eerste stop in Zelzate City heb je een banaan verorberd aan de voet van de kerk. Je zat naast me, en aan mijn andere kant zat oma. Plots sloeg de kerkklok drie uur, en nog voor de tweede tel zat jij al in halve paniek op oma’s schoot, je handjes op je oren, half huilend. Je verschiet zo ongelofelijk makkelijk, en je bent van alles bang. Held ! Even later moest jij plassen, en gelukkig had ik inderdaad je potje meegenomen. Ik had wel doekjes over het hoofd gezien, dus zijn we snel de Blokker binnengegaan en hebben er een keukenrol gekocht. Daarna ging de tocht verder door het Vlaams-Nederlandse landschap, over marktpleinen, door velden, met puddingpauzes aan prachtige brugjes en dergelijke, en nog minstens vier plaspauzes voor jou. Toch ben je er nog in geslaagd om op het einde in je broek te plassen. Zucht. Gelukkig had ik een plastiekzak in je autostoel gelegd, of ik mocht die hoes ook nog wassen. Het was ondertussen vrijwel zes uur en oma heeft je dan maar een pamper aangedaan onder een verse broek. Je werd ook duidelijk moe, en we zijn dan maar vanuit de velden in de buurt van Koewacht (waar je de twee kerken hebt bekeken) naar huis gereden.
Aangezien we op het ‘verkeerde’ stuk van de R4 zaten, hebben we aan Langerbrugge het veer genomen. Jij stond met je handjes op de reling, en genoot zichtbaar van het ultrakorte boottochtje. Rond zeven uur waren we thuis, en hoewel je honger had en ik dadelijk eten begon te maken, weigerde je alle boterhammen tot oma naar huis ging even later. Zodra ze de deur uit was, stortte je vol overgave op je boterham, en kon ik bijna niet snel genoeg een tweede smeren. Daarna, terwijl ik dan verder at (met mijn dikke kaak gaat het bijzonder traag) ben jij rustig gaan spelen en naar de Simpsons kijken. Pas tegen acht uur heb ik je dan je flesje gebracht en gezegd dat we gingen slapen als het volgende programma gedaan was. En ja hoor, een kwartiertje later riep je me toe dat er lettertjes waren en dat het gedaan was en dat je de tv had uitgezet. Een kleine vijf minuten later lag je in je bed, lekker ingeduffeld, met een tuutje, een beertje, een kusje, je nachtlampje dat moest branden, en een zachte lieve slaapwel in mijn richting. En zoals gezegd geef je geen kik meer, en verwondert dat me helemaal niet, kleine sproet. Slaap lekker.

Naar de meisjes :-)

Gecategoriseerd onder: Op stap — Mama om 11:41 pm op Tuesday, August 15, 2006

Vandaag zijn we eigenlijk heel productief geweest, Wolf. In de voormiddag hebben we jouw speelhoek opgeruimd, en al het overbodige speelgoed waar jij ondertussen al veel te groot voor bent, weggehaald. De blokken zijn gesorteerd, de kleurtjes overal van tussen gehaald, alle beestjes die samenhoren zitten samen, en alle onderdelen zijn verzameld. Ik heb meteen van de gelegenheid gebruik gemaakt om het gordijn daar te herstellen, en Elina heeft alles netjes gekuist: het venster, de spiegelwand, de deur, en de vloer uiteraard. Het ziet er meteen helemaal anders uit. Al het te klein geworden speelgoed hebben jij en papa in de auto geladen, samen met de kleertjes van Sofie en jouw te kleine kleertjes, en deze middag zijn we dan naar Sofie en de meisjes gereden. Het was een echte uitwisseling: zij had een hoop speelgoed en kleren van jou die ondertussen zelfs voor Ines niet meer bruikbaar zijn, en ik had dan die hele koffer vol dozen voor haar.
Jij hebt ondertussen netjes gespeeld met de meisjes, al zullen zij daar soms een ander idee van gehad hebben: ze bouwden met veel moeite een tentenkamp, waar jij dan doorheen stormde als de olifanten van Hannibal over de Alpen. Of Margot had een mooi huisje gebouwd met de blokken, en jij ging dat dan systematisch vernielen. Het hoogtepunt waren wel de pannenkoeken die Sofie voor ons heeft gebakken: je kon niet snel genoeg aan tafel zitten, en het smaakte je blijkbaar. Uiteindelijk mochten jullie nog wat naar tv kijken, maar ik merkte aan je ongedurige gedrag dat het welletjes was geweest, en dan je moe werd.
Rond half zes waren we thuis, en jij stormde meteen de trap op: oma was aan het schilderen ! Toch fluisterde je de hele tijd tegen me dat we stil moesten zijn, en probeerde je zo stil mogelijk de trap op te gaan: je wilde oma doen verschieten! Die deed dan dat ook natuurlijk :-p en best wel overtuigend ook ! Je speelde er wat met de balletjes van afplaklint, en slaagde er daarna in om op de trap in je broek te doen. Je was kliedernat, en dus rijp voor een badje. Ik wilde je eerst gewoon afspoelen, maar je keek me met van die lieve hondenoogjes aan en zei: ‘Asjeblief mama, een beetje spelen in bad ?’ Ik kon het je gewoon niet weigeren…
Daarna heb ik het commando doorgegeven aan papa, die jou heeft gewassen, gedroogd, aangekleed en met jou gespeeld. Boterhammen wilde je blijkbaar niet, dus kreeg je wat peperkoek en at je de helft van mijn banaan op. Een halve fles melk en een halve aflevering van de Simpsons later ging je naar bed, en nu is het heerlijk rustig in huis. Ik moet wel zeggen dat ik daar nu van geniet, kleine dondersteen.

Gecategoriseerd onder: Logeren, Op stap — Mama om 12:23 am op Tuesday, April 18, 2006

De paasvakantie is weer achter de rug, en daardoor blijk ik plots tijd te hebben om te schrijven, sproetje ! Jij ligt nu al een twintigtal minuten in je bed te protesteren dat je nog niet wil slapen. Je bent nochtans doodop, en ik had al een eerste poging om je in bed te krijgen ondernomen om kwart na zeven. Niet dus. Toen heb ik nog toegegeven en je nog wat beneden laten zitten, maar nu heb je gewoon pech. Ik ben wel net even gaan kijken, want dat vroeg je al huilend - lang leve de babyfoon. Bleek dat je een vuile broek had, maar toch was dat de reden niet om zo van je oren te maken. Ik heb je dan maar weer in je slaapzak gestoken en terug in bed gezet, en nu ben je alweer een tien minuten aan het brullen. Toch ben ik er niet helemaal gerust in: papa vertelde me dat hij je zondag zonder slaapzak in je bed had gezet, en dat hij jou nog nipt had opgevangen, voordat je helemaal uit je bed was geklauterd/gevallen. En gisterenmorgen was je plots beginnen huilen, iets wat niet echt meer je gewoonte is ’s morgens. Toen ik in allerijl bij je kwam, bleek je je slaapzak opengeritst te hebben en had je geprobeerd je mouwen uit te trekken, maar daar was je vastgeraakt.

Heh. Je bent eindelijk stilgevallen. Ik heb het gevoel dat je ons wat aan het testen bent, sinds je dit weekend bij Omaly en Bompa hebt gezeten. Ik geloof dat ze je allebei zó graag zien, dat ze je niks kunnen ontzeggen, en soms kan je een echte kleine tiran zijn, liefje. En als je zo vier dagen op je wenken bent bediend, is het natuurlijk moeilijk om weer bij je strenge mama terecht te komen. Gisterenochtend hebben papa en ik nochtans moeten lachen. Nadat ik je uit je slaapzak had bevrijd, ging ik je in bed leggen bij papa en dan je flesje warmen. Jij zette een keel op en zei dat je mee wilde naar beneden. Aangezien ik al gezegd had dat je in bed ging liggen bij ons - en daar had ik zelf ook zin in - kwam ik daar niet op terug, ook al begon jij luidkeels te brullen en te wriemelen om los te komen. Toen heb ik je heel streng het zwijgen opgelegd en gezegd dat je nu eens goed moest luisteren: ook al had je bij Omaly en Bompa mogen doen waar je zin in had, bij mij was IK het die besliste, en ging jij doen wat IK zei. Je keek me met grote ogen aan, ook al had ik alles heel rustig gezegd, en zweeg. Daarop legde ik je in bed onder de donsdekens bij papa, en ging beneden je fles warmen. Toen ik een paar minuten later opnieuw de kamer binnenkwam, was papa hartelijk aan het lachen, en vertelde me dat ik het jou blijkbaar goed ingepeperd had. Je was namelijk al aan het rondkruipen en spelen gegaan, maar toen je me naar boven hoorde komen, zei je verschrikt: ‘Mama daar !’ en kroop snel braafjes onder de dekens met je tuut en je beertjes, net zoals ik je neergelegd had :-p Zoetje toch…

Wat die tuut betreft lijken we vorderingen te maken. Bij Nice was het al zo dat je bij het binnenkomen je tuut en je beertjes op de kast legde, en dat die verder daar bleven liggen, behalve dan om te slapen. Bij ons thuis liep je eigenlijk voortdurend met je tuut rond. Niet dat die constant in je mond zat hoor, verre van, maar ze was altijd wel ergens in je buurt. Ik heb je nu al zover gekregen dat je een tuut ‘bè’ noemt overdag, en dat je ze ook niet meer gebruikt. Soms kan je er wel eens naar vragen - door als de Bumbababy wèèè wèèè te doen - maar dan krijg je ze toch niet. Alleen om te slapen krijg je ze uiteraard wel nog. Je bent ze echter ook systematisch kapot aan het bijten, en we hebben er deze avond alweer eentje in de vuilbak mogen kieperen. Ik heb je al duidelijk gewaarschuwd: ik koop geen nieuwe tuut meer. Als ze allemaal kapot zijn, dan is het gedaan. Punt.

Gisteren zijn we, op tweede Paasdag, iets gaan eten in de MacDonalds hier even verderop. Ik had geen eten in huis - er niet aan gedacht dat de winkels dicht waren - en we wilden jou wel eens in actie zien in de speeltuin. En of we dat gezien hebben ! Papa en ik hielden ons hart vast, toen we jou onvervaard op de klimrekken zagen kruipen. Tsja, hoe moet je die dingen anders noemen ? Het gaat om een groot buizenstelsel dat telkens netjes op een platformpje uitkomt, waar je door een plastieken koepeltje aan de zijkant naar ons kan kijken. Je kroop de eerste buis in, en we verwachtten dat je al snel terug ging zijn. Maar nee hoor, onvervaard ging het, tot onze ontzetting, een beetje hoger naar de volgende uitkijkpost, en je lachte naar ons, al zag je ons niet rechtstreeks meer. Papa en ik voorzagen al een paniekaanval van jouw kant, zodra je zou merken dat je niet zomaar kon terugkeren, of er niet zomaar meer uit ging raken. En jij ? Jij klom onverstoorbaar verder, tot je zelfs op het hoogste punt naar ons stond te zwaaien. Voorzichtig ging je dan een stuk buis naar beneden, en toen… dachten wij dat we het nu wel gingen krijgen, want de enige uitgang was een grote, draaiende glijbaan in buisvorm. Een gat dus waarvan je het einde niet kon zien. Je verdween uit het zicht, en jawel, plots verscheen een klein Wolfje, langzaam naar beneden glijdend op zijn buik met zijn voetjes eerst. En met een grote glimlach op dat blinkende snoetje. Je wist niet goed hoe snel je weer naar de ingang moest lopen :-p, en toen we je na nog een doortocht opvisten om naar huis te gaan, begon je zowaar te huilen. Je bent echt van niks bang, kleine deugniet !

Het verwondert ons daarom des te meer dat je bang bent van de grote staande klok bij Omaly. Blijkbaar heb je daar ooit eens een grote schrik opgedaan, want ze vertelde dat je niet eens meer alleen in de eetkamer durft ! Toch niet als er niemand bij is: toen wij er zondag waren, was je al een heel stuk dapperder. Toch rende je telkens weer, als het ding begon te slaan, met bange ogen naar papa of mij en klom verschrikt in onze armen. Mijn kleine held…

Winkel in, winkel uit

Gecategoriseerd onder: Lang verhaal, Op stap — Mama om 12:24 am op Wednesday, April 5, 2006

Je bent toch echt een fijn ventje, sproetel ! Toegegeven, je hebt je slechte momenten, waarbij je voortdurend loopt te zagen en te neuten, of zelfs begint te dreinen of te huilen als je je zin niet krijgt, maar doorgaans ben je een ongelofelijke ‘wijze kleinen’.Neem nu vandaag: we hebben lang geslapen, en daarna ben je voor een paar uur naar Nice gegaan, zodat ik hier wat papierwerk kon doen. Tegen één uur heb ik je opgepikt en zijn we naar de Brico gereden om wat legplanken voor een keukenkast te halen. Ze hebben daar van die leuke karren met een autootje aan, en terwijl ik je daar vroeger moest in vastbinden, was je er nu al spontaan zelf in gekropen, zei tegen mij dat ik de motor moest aanzetten (echt waar) en dat Wolfje nu ook kon sturen. En ja hoor, enthousiast zat je aan het stuur te draaien, keek voortdurend om naar mij, ging af en toe rechtstaan om door de ‘voorruit’ je kopje naar buiten te steken, en zat algemeen te glunderen. Het leuke was ook dat je tegen iedereen die je passeerde, de nodige commentaar gaf.
Daarna reden we door naar de Aldi, de winkel met de grote blauwe A. Daar kreeg je de paasversiering in de mot, en omdat er bij Nice een paasboom staat, wilde jij er per se ook eentje. Ik heb dan maar twee serietjes versierde eieren gekocht, en die hangen nu thuis in de slingerplant, tot jouw grote vreugde.
Van de Aldi ging het richting Kringloopwinkel, waar we een nieuwe hondenmand hebben gekocht. Catullus heeft zijn rieten exemplaar intussen bijna volledig opgeknauwd, zodat die plastieken vervanging niks te vroeg kwam. Net toen ik ging betalen, kwam jij met de melding dat je kaka had gedaan. Wij dus snel naar huis, en een verse broek (met maar meteen een heel set verse kleren) aangedaan. Je mocht eventjes tv kijken, en daarna gingen we buiten spelen, in casu hondendrollen opruimen en wieden voor mij, en rondlopen met een schopje en op je glijbaan spelen voor jou. Een paar druifjes en een sojamelkje later ging het alweer richting winkel, Lidl deze keer. Ik had maandag voor jou namelijk een heel tof boekje meegebracht met dierengeluiden uit het bos, maar de pad maakt hetzelfde geluid als de specht, wat niet de bedoeling kan zijn. Jammer genoeg hadden ze er geen meer, zodat ik deze versie maar heb gehouden. Je bent namelijk gek op het geluid van de koekoek, van de kikkers en van de bosuil. De anderen vind je eigenlijk ook wel leuk, en van de nachtegaal moet je altijd lachen.
Daarna hebben we onze paasboom versierd, en vooral ook de bedden boven ververst en de planten daar water gegeven. Bedden verversen vind jij altijd een feest: een groot leeg bed waar jij op mag springen en waar ik je dan uitgebreid op kriebel en met jou wilde spelletjes speel.
Helemaal een tractatie werd het toen bleek dat papa nog net op tijd thuis was om met ons mee boterhammetjes te eten. Je bent nog steeds verzot op de kleine kirikaasjes, met paté als mooie tweede. Eigenlijk doe je nog steeds niet moeilijk over eten. Wat me wel opvalt, is dat jouw flesje ’s avonds stilaan begint te verdwijnen. Deze avond wilde je er geen, en meestal drink je tegenwoordig ook maar een klein beetje meer. Zelfs ’s morgens moet ik je fles vaak meegeven naar Nice, waar je ze dan wel compleet uitdrinkt. Ik denk niet dat die fles nog heel lang zal meegaan, liefje.

Gisteren heb ik ook weer flink moeten lachen. Ik was jou gaan afhalen bij Nice tegen half zes, en we waren meteen na het thuiskomen doorgelopen richting apotheek, omdat ik nog een papier moest afgeven. Toen we binnenkwamen, vroeg je dadelijk naar Marthe. Ingrid wist ons te vertellen dat ze thuis was, en ging Delphine even halen. Ja hoor, Marthe was even enthousiast over jou als jij over haar. Dadelijk ging je mee de living in, en begon je te spelen met raceautootjes, boekjes, en ging je zelfs samen met Marthe koken. Je voelde je er dadelijk thuis, en zo kon ik nog wat kletsen met Delphine. Je noemt haar trouwens mama Marthe, maar ik moest vreselijk lachen toen je er vandaag aan toevoegde: ‘Mama Marthe, en papa Parthe !’
Een paar weken geleden was het ook al zo grappig met Marthe: we kwamen op een stralende winterdag thuis van Nice, en zagen net Delphine lopen met een stevig ingepakte Marthe. Die waren net een wandelingetje aan het doen rond de huizenblok. Zodra ik je uit de auto haalde, wilde jij naar het ‘meisje’. Aangezien je ook flink ingepakt was tegen de koude, zag ik dat wel zitten. Eventjes was je verlegen, ik geloofde bijna mijn eigen ogen niet. Toch nam je stevig Marthes handje vast, toen we dat vroegen. Delphine en ik schoten allebei in de lach: jullie waren dan ook verschrikkelijk schattig, twee peuters in winterjas met de handjes zó diep in de mouwen dat ze zelfs niet zichtbaar waren. Ik vond het verschrikkelijk jammer dat ik mijn fototoestel niet bij had, maar dat beeld zal ik toch niet meer vergeten. Delphine vertelde me achteraf dat ze er zelfs al op aangesproken is door één van haar klanten: die had jullie zien lopen en zelfs haar man geroepen omdat het zo lief was. Samen zijn we dan een heel eind verder gewandeld, tot we op straat zo’n klein bol plastiekflesje tegengekomen zijn. Dat lag net voor de grote parking van de begrafenisondernemer, zodat jullie met zijn tweetjes een hele tijd al giechelend tegen dat flesje staan schoppen hebben, met af en toe een kleine interventie van de mama’s. Ook het lopen in de kiezels rond een reclamezuil had veel succes.
Als dit zo verder gaat, kleintje, weet ik al wie je je eerste liefje zal noemen :-p

Je bent met andere woorden weer helemaal de oude, afgezien van nog een snotneusje. Zaterdag was je nog echt ellendig, en zelfs zondag zat er nog niet veel leven in dat kleine lijfje van jou. Je liep wel wat rond, maar at nauwelijks, had nog koorts, en sliep nog heel erg veel. Vooral papa was eigenlijk goed ziek, en gelukkig voelde ik me al ietsje beter. Maandag ben je wel degelijk naar Nice gegaan, en die vertelde dat je ook nog niet in orde was. Je begroette me nochtans op je normale opgewekte manier, je had blijkbaar normaal gegeten, alleen was je wat stiller en rustiger geweest dan anders. De koorts was volledig verdwenen en je oogjes fonkelden alweer, dus ik maakte me totaal geen zorgen meer.
Soms ben je echt een rare, Wolf: zondagavond was je weer wat hangerig en had je koorts, zodat ik je toch nog een Perdolan wilde geven. Omdat ik eigenlijk toch wel twijfelde - je sliep al half in de zetel - vroeg ik aan papa of ik je nog wel een poepsnoep zou geven, en jij zei dadelijk: ‘Ja mama, Wolf poepsnoep !’ Ik, verbaasd: ‘Wil jij een poepsnoep, Wolf ? Ben je dat zeker ?’ waarop jij huilerig: ‘Jaaaaaa… ‘ Ik heb je dus meegenomen naar de keuken, je luier afgedaan en je een suppo opgestoken. Je vindt het niet leuk, maar doet er niet moeilijk over, en voelt er blijkbaar toch het effect van, aangezien je er zelf een wilde. Rare Wolf !
De ‘pieppiep’ of koortsthermometer vind je een marteling, en je huilt dan ook steevast als ik je koorts probeer te meten, en spartelt tegen. In het begin ging je ook wild tekeer tegen een poepsnoep, maar sinds ik je uitgelegd heb wat hij precies doet en dat het maar eventjes duurt - schnoep schnoep en gedaan - maak je er geen problemen meer rond. Niet dat je het graag hebt hoor.

* Vorige week ben ik met jou naar de nieuwe Colruyt hier in Gent gegaan, en man, ik heb gelachen ! Ze hebben de Gentse vestiging volledig vernieuwd, en het gebouw zelf op poten gezet, zodat de benedenverdieping helemaal ingenomen kan worden door parkeerplaatsen. Dat betekent dat je beneden je winkelwagentje moet nemen, en dan via een transportband naar boven moet. Jij wist niet wat je meemaakte ! We stonden stil, en toch bewogen we ! Ik denk dat je in de winkel wel een keer of dertig hebt gezegd: ‘Bewegen leuk !’, ook tegen verschillende mensen om ons heen, die uiteraard moesten lachen toen ik uitlegde waarover het ging. Je keek er ook al enorm naar uit om terug naar beneden te gaan, en je zat dan ook te glunderen in de kar. Toen ik ze uitgeleegd had, kreeg ik het niet over mijn hart om ze zonder meer terug te zetten, zodat ik eerst nog met jou opnieuw naar boven ben gegaan, om dan mijn kar te draaien en terug naar beneden te gaan. Je zat zowaar te kraaien van de pret ! De omstaanders keken eerst niet-begrijpend, maar daarna hogelijk geamuseerd toe. Wie heeft er nog nood aan Plopsaland, als er de Colruyt is ?

Vette Veemarkt

Gecategoriseerd onder: Familie, Op stap — Mama om 12:29 am op Sunday, March 26, 2006

Alweer lang geleden, en alweer een pak gebeurd, snoetie. Momenteel zit ik ziek in de zetel te typen op mijn laptop, en zit jij voor me te kijken naar Pingu. Je bent al verschrikkelijk lief geweest vandaag: te pas en te onpas kom je me kusjes geven, soms van mijn hoofd tot aan mijn voeten, en vraag je me of ik al wat beter ben. Aan de andere kant kan je het dan ook niet laten om, als ik in slaap gevallen ben, toch bovenop me te kruipen en me wakker te maken. Je kijkt me dan wel zo lief en ondeugend aan, dat ik niet anders kan dan glimlachen om jou.
Deze middag zijn we naar Zomergem gegaan: na een badje en een lekker ontbijt met koffiekoeken was het tijd voor het jaarlijkse agragrische hoogfeest: de Vette Veemarkt ! Voor jou hield dat gewoon in dat je een massa koeien, schapen en konijnen hebt gezien. Er stonden ook minipaardjes, en peter Jeroen stond zelfs bij twee varkens (je kon die schatten als prijsvraag). Delphine heeft jou trouwens een paar keer in het stro bij die twee beesten gezet, en ik dacht dat jij bang zou geweest zijn, maar nee hoor. Je bekeek ze eens grondig, besloot dat ze niet mooi waren, en keerde je resoluut af.
Daarna zijn we ginder blijven eten, heb je nog een stukje taart gegeten, en zijn we naar huis gekomen. Ik wilde graag wat slapen, maar Shura was hier aan het schoonmaken en dus heb ik me maar op de zetel neergevleid, met jou prompt boven op me. Je loopt trouwens nog steeds in een T-shirt en een klein broekje boven je pamper. Je hebt een hele tijd in je blote poep gelopen, tot je uiteindelijk toch een ongelukje kreeg in de keuken, en papa je toch maar een luier heeft aangemeten.

Gecategoriseerd onder: Lang verhaal, Op stap — Mama om 7:51 pm op Wednesday, February 1, 2006

Je ligt rustig te slapen na een vermoeiende voormiddag, liefje. Bernice kon vandaag niet omdat ze met haar zoon naar de tandarts moest, maar op woensdag is dat zo erg niet. Je was wakker om half negen met een gigantische kakbroek, zodat ik je maar meteen heb ververst, zoals je zelf vroeg. Je pyama, slaapzak en beddengoed zitten al in de wasmachine, trouwens. Daarna heb je bij mij in bed je flesje leeggedronken en nog ongelofelijk zitten spelen en knuffelen. Net zoals je soms met open armen op me af kan lopen om een kusje te krijgen/geven, kan je ook soms expliciet om een ‘kuffel’ vragen. Dan sla je je armen heel stevig om me heen, en moet ik hetzelfde doen terwijl ik over je rug wrijf. Je legt dan je hoofdje in mijn nek en maakt kirrende geluiden, heerlijk.
Tegen halftien speelde je twee sandwichen naar binnen (yep, er zat weer tijd tussen je fles en je ontbijt, vandaar) en daarna zijn we samen naar de Colruyt gegaan. Daar was je bijzonder rustig: ik denk dat je wat moe werd. Opnieuw thuis kreeg je kip met pasta in zoetzure saus voorgeschoteld, en je liet het je smaken. Nog een halfuurtje knuffelen en spelen (”Mama zotte mol !”) en je was rijp voor je bedje. Het doet wel raar, zo zonder papa. Vanaf vandaag is het kantoor van Netlash immers verhuisd naar het centrum van Gent, zodat papa niet meer thuis is om te eten ’s middags, en wellicht ook lang niet altijd ’s avonds. Je begrijpt het nog niet goed, en vraagt vaak naar hem. Je hebt hem dan ook sinds gisterenmorgen niet meer gezien, en ook vanavond lig je wellicht al in je bedje als hij thuiskomt. Maar vol overtuiging zeg je dan ‘Papa werken’, en blijkbaar kan je je daar mee verzoenen.
Je hebt nochtans de laatste tijd wat last van scheidingsangst: je mama mag niet vaak uit je gezicht verdwijnen. Zelfs als ik zeg dat ik de hond ga eten geven of hout ga halen voor de kachel, kom je me vaak achterna zodat je me kan zien of op zijn minst kan horen. Zondag bij Omaly wilde je daarom wellicht ook niet slapen: je was hondemoe, maar bang dat ik je zou achterlaten daar, en begon steevast te huilen als ik je in je bed legde. Nochtans slaap je daar anders heel goed en zonder problemen. Tsja… Je mama, nietwaar ?

* Vorige week gingen we in de motregen naar de Lidl, en bij het terug buitenkomen liet je toch wel je beertje vallen zeker ? Het arme beestje was volledig nat en vuil, zelfs jij zag dat in en wilde het niet pakken. Ik beloofde je dat je thuis een ander kreeg, een proper, en dat ik dit beestje ging wassen. Gelukkig maak je daar nog steeds geen probleem van. Toen het droog was, ging je weer aan iedereen verkondigen dat je beestje weer proper was, en dat het zo lekker zacht aanvoelde. Ach, de geneugten van wasverzachter :-)

* Waar je je de laatste tijd rot mee amuseert, zijn protkusjes :-p Je doet alsof je ons heel lief een kusje wil geven, maar grijpt met beide handen ons hoofd vast, plant je mond stevig op onze kaak (of buik of arm of waar dan ook) en blaast stevig, wat natuurlijk resulteert in een pracht van een protgeluid. Wij verschieten (uiteraard) en jij giert het uit ! Je krijgt ze ook wel graag, want dat kriebelt blijkbaar, vooral op je voetzolen. Daar durf ik wel eens een protkusje planten als ik je een verse luier aandoe.
Ik moest lachen toen ik een mailtje van oma uit Peru las: blijkbaar denkt ze dat het om plofkusjes gaat. Ook een goed woord natuurlijk, maar voor jou lang niet zo amusant !

* Papa en ik (en bij uitbreiding iedereen eigenlijk) moeten erg beginnen opletten wat we zeggen of doen in jouw bijzijn. Je bent een echt aapje geworden, en vorige week moest ik verschrikkelijk lachen om wat ik zag. We zaten samen aan tafel boterhammetjes te eten, en Catullus was naast jouw stoel komen zitten. Hij weet dat hij niet mag schooien, maar als er iets van jouw bord valt, kan hij er maar beter snel bijzijn, vindt hij. Plots rook hij iets wat hem wel interesseerde, en hij duwde zijn neus tegen de rand van jouw stoel.
Dadelijk stak jij bestraffend een vingertje op en zei met barse stem: “Catullus ! Neen ! Mag niet ! Stoute hond ! Eten hmblbl Wolfje, nie hondje ! Domme ! Zit ! Been ! ” Je trok er zo’n ernstig gezicht bij en je meende het zo hard, dat ik dubbel toe lag van het lachen en jij me niet-begrijpend aankeek. Had je iets verkeerd gedaan, misschien ? De hond keek toe, en vond dat hij niet hoefde te luisteren.

* Je hebt een paar dagen geleden ontdekt dat je eetstoel ook een plank heeft waar je voeten op staan, en dat dat een ideaal tafeltje is als je op de grond zit. Zo maak je dan een huisje door de stoel helemaal tegen de tafel te schuiven, en onze gewone stoelen dicht bij je te trekken zodat ze het licht wat afsluiten. Op die manier heb je maandagavond zitten eten. Je bordje stond op de voetplank, je bekertje ook, en jij zat netjes op je knietjes en speelde acht boterhammen van een klein blokje (zonder korst) naar binnen. Om één of andere reden kon ik het je niet verbieden, je was zo braaf en zo opgetogen :-)

* Telkens we met de auto voorbij de Lidl passeren, wijs je enthousiast naar het uithangbord en zegt “Winkel ! Kar !” De Lidl is de dichtstbijzijnde supermarkt, en ik gebruik hem dan ook als buurtwinkel. Jij gaat dolgraag mee, en krijgt dan al in de auto een ‘centje’ in handen. Trots als een pauw stap je er dan mee naar de rij karren, kiest er een uit, wijst ze me aan en zegt: ‘Dienen !” Ik krijg dan het muntstuk van jou en zet je in de kar. Als we dan weer buitenkomen, geldt het omgekeerde patroon: ik haal jou uit de kar, zet de kar terug in de rij, en jij krijgt van mij het centje terug, tot we in de auto zijn en het weer op zijn plaats moet.
Je bent in de Lidl trouwens ook altijd heel grondig aan het kijken wat de grote machine aan de ingang doet. Het is een groot vierkant blaastoestel dat aan het plafond hangt, en in de winter warme lucht en in de zomer koude lucht blaast. Soms ligt het ding net aan, en dan blaast het met veel lawaai volop warme lucht naar de kassa’s. “Machien lawaai ! Grote waai ! Lekker warm !” Als het uitligt, vertel je me wel een keer of tien dat het machien stil is, en dat ik het niet wakker mag maken. Soms zeg je zelfs: “Machien dood ! Niet wakker maken, mama !”

* Ik weet trouwens niet wat Omaly en Bompa je dit weekend allemaal wijs hebben gemaakt, maar het heeft wellicht wel te maken met nonkel Gustaaf en het feit dat hij weer niet op tijd was om zich te wassen en te komen eten op zondag. Soms zeg je namelijk, zomaar uit het niets: “Nonkel Taf ! Nonkel Taf stout !” en je meent het heel erg hard.

Gecategoriseerd onder: Lang verhaal, Logeren, Op stap, Ziek — Mama om 7:53 pm op Tuesday, January 31, 2006

Dinsdag 31 januari 2006

Sinds de kerstvakantie heb ik niet meer de moed gevonden om nog te schrijven, en toch is er veel gebeurd, liefje. Ik vrees dat ik alweer een aantal dingen ben vergeten, maar ik ga mijn best doen, snoetie.

Nu is het kwart over negen ’s avonds, en je bent ongeveer een kwartier aan het slapen. Gelukkig is papa niet thuis, want dan was je wellicht nog aan het spelen hier. Rond kwart over acht ben je immers in je bedje gegaan: netjes tandjes gepoetst, slaapzak aan, grote knuffel, en in bed. Amper tien minuten later was je al aan het huilen, en na een paar minuten bleek duidelijk dat je niet zomaar ging ophouden. Ik dus naar boven, maar je maakt er de laatste tijd een gewoonte van om vol overtuiging te zeggen: ‘Wolfje wakker’ en dus nog een half uur tot een uur te mogen spelen. Het resultaat is dat we je dan ’s morgens moeten wakker maken, en dat je overdag ook nog een flink tijdje slaapt. Toch denk ik, nu je bijna twee jaar wordt, dat je misschien stilaan kan overschakelen op niet meer slapen overdag, en dan ’s avonds wat vroeger in je bed. In elk geval mocht ik dus weer naar boven, en ja hoor: je stond recht in je bed, keek me aan met die grote blauwe kijkers van jou, en zei: “Wolfje wakker, niet sjapen !” Dat was buiten je mama gerekend: ik heb je duidelijk gemaakt dat dat niet kon, dat je stout was, en dat kleine jongens moeten slapen. Ik heb je dan, terwijl je bleef brullen, een nachtzoentje gegeven op je voorhoofd, heb je vriendelijk slaapwel gewenst, en gezegd dat ik niet meer terugkwam. Dat was tegen twintig voor negen, en ik maakte me sterk dat ik niet voor negen uur ging reageren. En ja hoor, vijf voor negen viel je al min of meer stil, met af en toe nog een opflakkering. En tegen negen uur was het muisstil. Ik durf alleen niet je kamer binnen te gaan om te kijken of je wel toegedekt ligt, maar eigenlijk geeft dat niet, want je kamer is verwarmd en je hebt een slaapzak aan, net om de reden dat je je altijd blootwoelt. Je wordt namelijk steevast wakker als ik binnen durf te gaan om bv. je verwarming uit te zetten als we gaan slapen, en dan heb je soms moeite om weer in te slapen, met alle gevolgen vandien.

Waar was ik gebleven ? Oh ja, dinsdag 10 januari. De woensdag zijn we samen even naar Sofie en de meisjes gegaan: ik wilde nog wat foto’s aan Sofie geven, en ik had ook een hoop kleren van haar die ik nog moest teruggeven. Meteen wilde ik ook wat kleertjes doorgeven voor Ines. Jij begon meteen te spelen, maar de meisjes waren in een ruziestemming, en waren dus niet de beste speelkameraadjes. Het viel me zelfs op hoe stil je wel was, wellicht omdat je ruzie niet gewoon bent. Uiteindelijk bleef je alleen over, en waren de meisjes respectievelijk boven - op de computer aan het spelen. Heel erg vond je het niet, want je had nieuw speelgoed om mee te spelen. We hebben zelfs heel leuk speelgoed meegekregen: een klein treintje op een baantje, waar verschillende geluiden in zitten. Je hebt er ondertussen echt al veel mee gespeeld.

Vrijdag heb ik je op het gewone uur, zijnde half zes ’s avonds, afgehaald bij Nice, en zijn we samen naar mijn school gereden voor de nieuwjaarsreceptie. Ik had eerst gezegd dat ik niet ging komen, maar je was wonderwel goed gezind, dus ik zag het wel zitten. Ik wou eigenlijk vooral met jou gaan pronken, en dat is me gelukt ook. Alle collega’s waren weg van jou. Je hebt je dan ook, als altijd in gezelschap, voorbeeldig gedragen. Er waren sandwiches à volonté, en ik denk dat jij er drie met paté en eentje met filet américain préparé naar binnen hebt gespeeld. Ik had er natuurlijk niet op gerekend dat we daar zouden eten, en ik had je drinkbeker niet bij. Het resultaat was dat je uit een glas moest drinken, en na verloop van tijd kleddernat was. Er waren een paar van mijn leerlingen aanwezig als vertegenwoordigers van de leerlingenraad, en die waren helemaal weg van jou, en jij van hen, zeker toen je een basketbal in handen kreeg en zij met jou begonnen spelen. Vooral Tom, die jij om een of andere reden Tombie noemde, kon op je bijval rekenen. Iedereen vond je, als altijd, een schatje.

De zaterdag was, voor zover ik het me kan herinneren, lekker rustig, en op zondag zijn we koffie gaan drinken bij oma en opa. Oma vertrok immers de dinsdag erna naar Peru voor vijf weken (opnieuw om er als vrijwilliger te gaan werken als tandarts in Peru) en wilde ons allemaal nog even zien. De taart was heerlijk, en dat vond jij ook, klein smekmormel. Je was eigenlijk vooral enthousiast over het feit dat je nonkels en tantes er ook waren, en vooral dan Roeland.

De week erop was weer vrij rustig, behalve dan dat er weer een paar kakincidenten waren te beleven. Je stoelgang is nog steeds problematisch, om het nog zachtjes uit te drukken. Het gebeurt eigenlijk zelden dat je een normale, vaste kak hebt. Eén keer had ik verschrikkelijk veel geluk dat je geen echte diarree had: om een of andere reden was je luier verschoven of niet goed aan, en je zat naast me in de zetel naar tv te kijken. Ik hoorde aan je ademhaling dat je je broek aan het vullen was, en even later rook ik het ook. Ik wilde je een verse luier aandoen, tilde je op, en toen zag ik het: een mooi pakketje in de zetel ! Blijkbaar had je gewoon naast je luier gekakt en was die zelfs nog proper ! Jijzelf had er al per ongeluk met je handjes ingezeten, dus een grootse kuisoperatie volgde, maar een kwartier later waren zowel Wolf als speelgoed en zetel weer zoals het hoorde. Heh. Er zijn leuker dingen dan dat. Nog een geluk dat je toen niet de stoelgang had als die vrijdagmorgen ! Om half acht wilde ik je uit je bed halen om je je fles te laten drinken in de badkamer en je vervolgens aan te kleden, en bij het binnenkomen van je kamer rook ik het al: een flinke kakbroek. Alleen bleek dat een schromelijke onderschatting. Je bleek serieuze buikloop te hebben - gelukkig zonder de neveneffecten als krampen en zo - en de kak zat letterlijk tot in je haar. Je hele pyama, je slaapzak, het ververskussen, alles… Ik heb onmiddellijk het bad laten vollopen, jou zo goed zo kwaad mogelijk eerst propergemaakt met vochtige doekjes en je daarna gewassen. Je huilde van ellende en wellicht ook het koude water, maar het leed was geleden van zodra je in je warme badje zat: een heerlijke onverwachte traktatie. Het resultaat was uiteindelijk een proper gewassen en geklede Wolf, en een mama die het zonder douche moest stellen en ontbeten heeft in de auto op weg naar school. Heh.
Nice vond trouwens ook dat het de spuigaten uitliep en drong aan op een nieuw staalonderzoek van je kak: vrijwel elke dag moet ze jou na je middagdut vers ondergoed aandoen, omdat alles er gewoon uitloopt. Vorige week kreeg ik echt onder mijn voeten: je had nog maar eens het ganse bed vuilgemaakt, zonder dat je er iets aan kan doen natuurlijk. En op een andere dag die week had je, toen ik je ging afhalen, je reservebroek en -onderhemdje aan, en rook ik bij het aandoen van je vestje alweer iets: ja hoor, je luier was alweer aan het lekken - en nee, het ligt niet aan de luiers, wel de consistentie van je kak - en we hadden geen reservebroek meer bij. Nice heeft me dan maar een plastiekzak gegeven om op de autostoel te leggen, en thuis heb ik je dadelijk dan ververst en verse kleren aangedaan. Arme jongen. Vorige donderdag heb ik een staaltje binnengebracht bij de huisdokter om te laten onderzoeken - volgens de kinderarts is er niks mis, maar dat is quatsch - en als er niks te vinden is, gaat hij me doorsturen naar de kindergastro-enteroloog van het UZ. Dit kan echt zo niet blijven duren, op deze manier kan je trouwens ook niet zindelijk worden.

Vorige donderdagavond was er hier ’s avonds rollenspel, iets wat ik al meer dan tien jaar elke donderdagavond doe. Het is afwisselend bij één van de spelers thuis, en donderdag was het dus bij ons. Jij was nog op toen iedereen hier iets over acht toekwam, maar wilde gewillig in bed een beetje later. Jammer genoeg was je een kwartier daarna alweer aan het brullen, en kwam papa met jou naar beneden. Ik wilde hem laten werken, en nam je dus bij me op schoot. Met grote ogen en dito enthousiasme nam je de tafel in ogenschouw, en besloot dat je de dobbelstenen wel zag zitten. Je luisde ze aan de ene kant van de tafel af van Kim, om ze dan naar Helena aan de andere kant van de tafel te brengen; wat je gelukkig niet doorhad, was dat zij ze boven tafel weer aan Kim gaf, waardoor het spelletje zo’n kwartier doorging met onverminderde inzet. Ondertussen schooide je bij mij om een paar M&Ms, en was je algemeen een gezellig baasje. Een half uur later zwaaide je iedereen slaapwel, en ging probleemloos naar bed. Soms ben je een echt schatje.

Vorige week zaterdag mocht je, zoals altijd in het weekend, ’s morgens bij ons in bed om je flesje te drinken en wat te spelen en te knuffelen. Je had die nacht nogal wat gehuild, en me verschillende malen wakker gemaakt met een nachtmerrie - mijn nachtrust is niet echt gezond te noemen de laatste tijd. Je leek ons nogal rustig in bed, en iets later bleek ook waarom: met een grote gulp kwam de helft van je fles melk terug naar buiten. Jij werd terstond door je papa afgevoerd richting badkamer en ontdaan van alle natte spullen, terwijl mama nog probeerde te redden wat er te redden viel qua beddengoed (en dat viel eigenlijk nogal tegen). In je badje bleek je ook echt wel rustig: je zat nogal bleekjes en aangeslagen te spelen, niet zo uitbundig als anders. Iets later bleek dat je ook koorts had, en slaperig was. Alweer ziek dus. Niets ernstigs deze keer, alleen zaten je ogen voortdurend vol korstjes, en werd je op een bepaald moment ’s nachts al huilend wakker omdat je je ogen niet openkreeg. Je was gewoon futloos en bleek, kijk maar naar de foto’s met je opa. Die is zondag bij ons komen eten, en je was uiteraard wel enthousiast toen je hem zag, maar niet zoals anders. Je wilde voortdurend geknuffeld worden en was ook vrij hangerig. Gelukkig heeft het maar een dag of twee geduurd, en was je daarna weer de gewone Wolf.

De voorbije week was ook weer niks bijzonders, maar zaterdag mocht je naar Omaly en Bompa ! Papa en ik hadden kaarten gekregen van je peter Jeroen voor een optreden van Wouter Deprez, en moesten dus een babysit zoeken. Papa had toen het lumineuze idee om het aan Omaly te vragen: we gingen er toch eten zondagmiddag, dus konden we maar vragen of je er mocht blijven slapen. Ik ben dus zaterdagnamiddag met jou naar Ronse gereden, en jij was vreselijk ongeduldig: zodra je hoorde dat we naar Omaly en bompa gingen, kon het niet snel genoeg gaan. Je hebt me zelfs geholpen met inladen, en we waren amper ter hoogte van de Sterre toen je me al vroeg of we er bijna waren. De hele weg lang heb je geestdriftig verteld over oma en bompa. Plots ontwikkelde zich echter de volgende conversatie:
- “Oma dom”.
- “Wolfje, wat zeg je nu ? Oma is toch niet dom ?”
Nadenkende stilte.
- “Oma beetje dom”.
- “Maar enfin, Wolfje, oma is toch helemaal niet dom, ook niet een beetje !”
Pauze. En dan een klein vragend stemmetje:
- “Oma klein beetje dom ?”
- “Waarom is oma dan dom ?”
- “Boem edaan.”
- “Oh ? Heeft oma boem gedaan ? En waar heeft oma dan wel boem gedaan ?”
- “Kopje”. Met grote stelligheid verkondigd.
- “Oei ? En dan ?”
- “Veel pijn.” Stilte. “Wolf kusje geef, nie pijn !”
En daarmee was voor hem de kous af, en ik zat te gieren achter mijn stuur.

Verder wil ik je ook nog een hoop losse dingen vertellen waar ik echt geen datum (meer) kan opkleven, maar die ik je toch niet wil onthouden.

* ik heb je blijkbaar met een eerste trauma opgezadeld, kleine muis :-/ Toen je in de kerstvakantie zo ziek was, moest ik regelmatig je koorts meten om te zien of ik je geen koortswerend middel moest geven. Ik héb het geprobeerd via je oksel, maar je zit geen second stil en vindt het ook totaal niet leuk, zodat ik echt geen zuivere waarde kreeg (tenzij je plots amper 34.6° had). De enige afdoende methode is dus rectaal, en je schreeuwt moord en brand. Pijn kan het niet echt doen, want het is zo’n dun flexibel rubberen dingetje, maar ik kan me wel voorstellen dat er leuker dingen zijn. Je ligt dan hartverscheurend te huilen en te wriemelen tot het ding piept, en je geïntrigeerd stilvalt om de oorzaak van het gepiep te bekijken.
De eerste dagen na de kerstvakantie ontkende je steevast dat je kaka had gedaan, ook al was de bewijslast voor mijn neus onmiskenbaar. Je spartelde telkens tegen als ik je dan toch meenam naar de keuken voor een verse luier, tot ik plots te weten kwam waarom: met een angstige blik in je ogen keek je me aan en zei: “Nie pieppiep ! Nee mama, nie pieppiep !” Pas toen ik je geruststelde en zei dat ik de pieppiep niet ging gebruiken, stopte je met huilen en lag stil. Arme jongen. Je hebt blijkbaar een doodse schrik van de koorsthermometer opgedaan… Zelfs nu durf je het me soms nog vragen, en we zijn al een paar weken verder.

Heh, je bent weer wakker, kleintje: af en toe hoor ik je iets zeggen via de babyfoon, en ik hoor ook het gebonk van je ijzeren bedje tegen de vloer, wat erop wijst dat je ofwel vreselijk ligt te woelen, ofwel rechtstaat in je bed. Ik hoop dat je weer rustig in slaap valt, kleintje, zodat ik nog een uurtje verder kan schrijven.

* Het nieuwste spelletje bij ons in bed is het maken van huisjes. Papa en ik moeten dan met onze respectieve donsdekens huisjes maken, waar jij dan al giechelend inkruipt. Soms moet ik erbij komen in het huisje van papa, soms kruip jij van het ene naar het andere. In elk geval komt er een hoop plezier en gelach bij kijken. Je houdt wel van die weekendochtenden in onze kamer: je doet de nachtlampjes aan, zet de wekkerradio’s aan (en verprutst ondertussen meestal alle instellingen, wat er al voor gezorgd heeft dat ik me op maandag overslapen heb en te laat was op school, sloeber) en loopt op je blote voetjes van de ene kant van het bed naar het andere. Af en toe kruip je dan weer dicht tegen me aan onder de dekens om op te warmen, en duwt dan, gierend van de voorpret, je ijskoude voeten tegen mijn warme billen aan, waarop ik uiteraard diepe zuchten en hoge gilletjes slaak en uitroep dat dat ijskoud is, wat de pret alleen maar verhoogt natuurlijk. Die zaterdag- en zondagochtenden zijn gewoon heerlijk, snoetie :-)

* Wat die koude voetjes betreft kan ik je nog iets vertellen: als we ’s avonds na het eten je pyama halen, beklim je niet meer zelf de trap. Niet dat je dat niet kan, hoor, maar je stapt dan van de heerlijke warme vloer op de koude tegels in de hal (daar zit geen vloerverwarming meer), zegt dan ostentatief: “Oeh, koude voetjes, mama pakken !” en steekt je armen uit naar mij. En wie ben ik dan om mijn zoontje dat te weigeren ?

* Je wast bijzonder graag af, liefje. Als je ziet dat papa of ik aanstalten maken om aan een afwas te beginnen (een echte, niet zo’n kleintje waarbij we enkel je flesje moeten afwassen), sleep je vol enthousiasme een stoel naar het aanrecht, klautert erop, en begint in het water te spelen. Gelukkig doe je dat heel voorzichtig, want we waarschuwen je telkens opnieuw dat het water heel heet kan zijn. Je dopt dan heel zachtjes één vingertje in het water en trekt dat snel terug, en trekt pas dan je conclusies. Als de temperatuur ok is, wil je het liefst zelf proberen afwassen met een vod, net zoals mama en papa dat doen. Het is misschien wel heel lief dat je wil helpen, kleine mol, maar oh zo onpraktisch: alles is natgespat, jij niet in het minst, en je staat verschrikkelijk in de weg voor wie zelf deftig wil afwassen. Ook de afwasmachine ken je ondertussen: je helpt me vaak om ze uit te legen, en ik hou telkens opnieuw mijn hart vast als je de borden eruit haalt en aan mij geeft. Ondertussen weet je ook al hoe je ze moet opvullen, en weet je waar de verschillende soorten borden moeten zitten. En oh wee als ik afwijk van het geijkte stramien !

* Een ontwikkeling die ik eigenlijk niet zo leuk vind, maar waar niet veel aan te doen is: je wil niet eten ’s morgens. In het weekend wel, maar dan hebben we eerst al een half uur gespeeld, ben je in bad geweest, en is het sowieso een pak later. In de week gaat alles een stuk vlugger: je drinkt je fles melk leeg bij ons in de badkamer terwijl papa doucht, ik kleed je aan, en op een kwartiertje sta je beneden. Het is wellicht een combinatie van het vroege uur en de 300 ml melk die je net hebt gedronken, maar zelfs een stukje peperkoek kan je ’s morgens niet meer bekoren. Ik denk dat je dan in de loop van de morgen nog wel iets krijgt van Nice, want bij ons lukt het echt niet. Jammer, het ontbijt is zo belangrijk.

Ondertussen slaap je trouwens nog steeds niet (het is al na elven, schrijven neemt veel tijd in beslag) maar lig je voortdurend te babbelen. Daarnet had je het plots over water drinken, en daarop hoorde ik de woorden: “Koekje. Lekker !” Wellicht ben je gewoon aan het spelen met je beren in je bed, het licht moet tegenwoordig toch aan blijven. Je werd de laatste tijd vaak wakker midden in de nacht, en begon dan hartverscheurend te huilen. Het heeft me een paar nachten slaap gekost, maar uiteindelijk ben ik erachter gekomen dat je bang bent geworden in het donker: sedertdien laat ik, als je dat wil, je nachtlampje branden, en je slaapt een pak beter. Soms mag het lichtje uit, ik weet niet waar het precies aan ligt, maar meestal moet het aan blijven. Bizar.

* Vorige week heb ik gemerkt dat een van je kleintje-tuten het echt heeft begeven: dat zijn nog steeds je allereerste tuutjes, en ondertussen dus bijna twee jaar oud. Uit hygiënisch standpunt hadden ze al lang vervangen moeten worden, maar je kan er zo moeilijk afstand van nemen. Ik vertelde het aan Nice, en die zei dat ik echt geen nieuwe kleine tuutjes mocht kopen, omdat die zo slecht zijn voor je tanden. Ik ben daarom met jou naar de apotheker gegaan, en heb twee nieuwe tuutjes gekocht. Eentje exact zoals een van je beginnerstuutjes, en het andere heb je zelf mogen kiezen. Het is een rood exemplaar geworden met een donkerblauwe ring, en je bent er maar wat trots op. Aan die tuten hangt er geen koordje, dat zijn dan ook de slaapexemplaren. Je merkt wel het verschil, maar die kleine tuutjes zijn nu echt wel op.

* Een nieuwe ontwikkeling in de laatste paar weken zijn je woede-aanvallen. Het schijnt typisch te zijn voor je leeftijd, maar daarom nog altijd niet fijn. Het is begonnen een paar weken geleden midden in de nacht. Zoals zo vaak werd je huilend wakker, en nam ik je uit je bedje. Doorgaans volstaat het om je even mee te nemen naar de keuken, je wat te laten drinken, en je dan weer in je bed te leggen. Dan slaap je rustig verder, met wat geluk tot ’s morgens. Die nacht echter, van zodra ik de deur sloot, begon je opnieuw te huilen. Ik gaf je opnieuw je tuutje, stopte je weer in, en ging terug naar bed. Ik lag amper neer toen je weer begon te huilen, of zeg maar brullen. Ik je maar opnieuw uit je bed gevist, en naar beneden. Daar heb je een vijftal minuutjes bij me in de zetel gezeten, bij het flauwe licht van de straatlantaarns. Je was heel rustig en lief, en lag bijna in slaap. Zodra ik je echter weer in je bed wilde leggen, zette je het weer op een brullen. Om half vier ’s nachts zijn er leuker dingen, zodat ik besloot je bij me in bed te nemen. Je nestelde je tegen me aan, en sloot je ogen. Een tiental minuten later wilde ik je weer in je eigen bed leggen, maar opnieuw ging die keel open. Zucht. Deze keer werd ook papa wakker, en vertwijfeld legde ik hem uit dat ik je maar niet stil kreeg, en dat ik je net in je bed had gelegd en van plan was je even te laten brullen. Na een paar minuten kon hij het gekrijs echter niet langer aanhoren, en ging naar je toe. Ik hoorde papa tegen je bezig, maar het gekrijs ging onverminderd door. Toen ik even later zelf poolshoogte kwam nemen, zat papa rustig in het zeteltje dat in je kamer staat, en was jij aan het stampvoeten en het brullen en rond aan het lopen in je kamer. Af en toe kwam je heel even bij ons voor een knuffel, maar wilde dadelijk weer weg, dit alles begeleid door een intens gebrul en gekrijs. Ik denk dat het een half uur heeft geduurd vooraleer je wilde kalmeren, en toen heb je braafjes geslapen.
Sinds die eerste woedebui heb je er nog zo’n paar gehad, zoals bijvoorbeeld gisteren rond half twaalf ’s avonds. Papa en ik wilden eigenlijk gaan slapen, maar jij was beginnen huilen, ik had je even uit je bed gehaald om je iets te laten drinken, en toen was je beginnen brullen. Fijn. Opnieuw heeft dat een behoorlijk tijdje geduurd, en er zit niks anders op dan je te laten doen.
Vorige week woensdag heb je me dat trouwens ook gelapt. Ik had afgesproken om met jou tot bij Faust te gaan om daar koffie te gaan drinken, en ik dacht dat dat zo rond half vier zou geweest zijn. Jij zat echter pas tegen twee uur in bed. Om half vier lag je nog steeds te slapen, zodat ik Faust even verwittigde dat het wat later ging zijn. Geen probleem, zei hij. Om half vijf vond ik het echter welletjes, ook al omdat ik wilde dat je ’s nachts nog ging kunnen slapen. Je sliep echter nog diep toen ik je wakker ging maken, en je was het helemaal niet eens met de gang van zaken: je zette het weer op een brullen. De eerste tien minuten zag ik het al lachend aan, en toen nam ik de telefoon om Faust te zeggen dat het nog eventjes kon duren, en dat het echt aan mij niet lag. Hij kon me amper verstaan door jouw gebrul, ik moest echt in de keuken gaan. Ik denk dat je het ongeveer een half uur hebt volgehouden, waardoor het kwart over vijf was vooraleer we bij Faust aanbelanden. Daar heb je je vieruurtje (what’s in a name) gegeten en een paar koekjes, en heb je de woonkamer verkend. Al bij al vond ik het best gezellig en was jij opnieuw een lief jongetje.
Ik ben alleen je tuitbeker vergeten bij Faust. Gelukkig waren papa en ik al begonnen om je te leren drinken uit een bekertje (glaasje, om het verschil te maken met je beker), maar je haalde daar geen debiet mee en morste nogal vaak. Nu zat er niks anders op dan uit een glaasje te drinken. Bij het avondeten vroeg je naar je beker, maar ik bekende beteuterd dat ik je beker kwijt was, dat ik hem niet meer vond. Jij keek me verwijtend aan, en zei: “Mama dom.” Daarmee wist ik het ook weer. Je bent zelf nog gaan zoeken, vruchteloos uiteraard. Ondertussen zijn we een week later en vraag je er niet meer naar. Gelukkig.

Poeh. Zo’n lap tekst, kleintje ! Er zijn nog dingen die ik je wil vertellen, maar dat zal voor een andere keer zijn, het is ondertussen half twaalf en bedtijd voor je mama.

Slaapwel, mijn liefje !

Gecategoriseerd onder: Buiten spelen, Feest, Logeren, Op stap, Taal, Ziek — Mama om 8:06 pm op Tuesday, November 29, 2005

Eindelijk, mijn kleine snoetje, eindelijk. Hoe drukker ik het heb, hoe minder tijd ik heb om hier iets te schrijven, en toch is er veel gebeurd. Veel dingen kan ik me niet eens meer herinneren, reden genoeg om kwaad op mezelf te zijn dat ik niet eerder heb geschreven.

Dinsdag acht november herinner ik me nochtans duidelijk: papa was voor opleiding in Leuven, en ik had klassenraad en had er geen idee van hoe lang die ging duren. Ik wou het risico niet lopen dat het later werd dan half zes (het uur waarop ik je ten laatste moet ophalen bij Nice), en vroeg aan Anaïs of zij wilde babysitten. Dat was geen probleem, en gelukkig zag ze het zelfs zitten om je op te halen met de buggy. Ik had het al ’s morgens aan Nice verteld, zodat ze je met een gerust hart aan een wildvreemde kon meegeven. Toen ik tegen kwart over zes thuiskwam, zaten jullie rustig te spelen in de zetel, en deed jij een vlinder na: je had er zelf voor uitgevonden dat die ‘wieeeeeeeeeeeeeeeee’ deed, terwijl je met je kopje schudde en omviel van het lachen. Ik ben echt blij, Wolf, dat ik een goeie babysit heb gevonden, en dat jij haar ook zo leuk vindt.

Belangrijk was natuurlijk de trouw van je peter Jeroen met Delphine. Mama en papa moesten de hele dag mee: suite, kerk, koffie, receptie, en avondfeest natuurlijk. Daardoor kon jij uiteraard niet mee met ons: je bent gewoon nog te klein, zelfs om bruidkindje te zijn. Margot en Maud hebben die taak dan maar op zich genomen, met Delphines neefje Benoit. Toch wilden Jeroen en Delphine je echt wel graag zien op hun huwelijksdag, en zouden ze zeer graag op de foto zijn gegaan met jou. Ik heb dan maar heel liefjes gevraagd aan Omaly en opa Jeroom of zij het niet zagen zitten met jou naar de receptie te komen: ze waren hoe dan ook uitgenodigd, en dan hadden we jou meteen erbij. Gelukkig stemden ze toe, en ik was al aan het denken over de kleertjes die je mocht aantrekken. Vorig jaar heb ik in de solden prachtige kleren gekocht: een bruine broek van P’tit Filou, een zwarte rolkraagtrui, en een donkerbruin hemd met minieme gouden spikkeltjes. Ik zag je al meteen in die kleertjes, maar toen ik je de woensdag vóór Jeroens grote dag even liet passen, bleek alles nog veel te groot te zijn ! Ik heb je ’s namiddags dan maar in de auto gezet en we zijn om kleertjes gegaan. De baby- en kinderwinkel in Mariakerke was tot mijn grote verbazing gesloten op woensdag, en dus zijn we dan maar doorgereden tot de BBKS, de winkel waar ook jouw babylijst lag. Hun kleren zijn wel allemaal merkkledij en daardoor pokkeduur, maar ik wist zo gauw geen andere winkels meer in de buurt, en daarbij, Omaly had me gezegd dat zij jouw kleren ging betalen als Sinterklaascadeautje. Lief, he ?
Binnen in de winkel was je het liefste jongetje ter wereld: je ging netjes spelen met een grote berg kussens terwijl ik kleren uitzocht, en je kwam me af en toe iets brengen, of gewoon even kijken wat ik aan het doen was. De verkoopsters waren vol lof over jou. Uiteindelijk koos ik een donkerblauwe jeans met rode stiksels van MacGregor, een prachtig rood glanzend hemd van IKKS, en een helderrood vestje met kap van Timberland. Gecombineerd met een zwart rolkraagtruitje van de H&M zag het er perfect uit ! Ik vroeg je om even bij me te komen om te passen, en heel gehoorzaam kwam je aangestapt en liet je je op de toonbank zetten. De winkeldame geloofde haar eigen ogen niet: zonder sputteren trok je de kleren aan en weer uit, lachte haar toe, en vertelde honderduit. De meeste kinderen zijn blijkbaar een nachtmerrie als het op kleren passen aankomt ! Bij het weggaan zwaaide je nog even, en ging dan welgezind opnieuw de auto in.
En ja hoor: iedereen was wég van je outfit op de receptie ! Ik denk dat je nieuwe haarstijl er ook wel voor iets tussenzat: toen we je in de voormiddag afzetten bij Omaly, zag je er nog heel braaf uit, maar nadat peter Koen en tante Else je even onder handen hadden genomen, had je een heel hip kuifje boven je knappe rode kleren ! Je was echt al een gans ventje, en absoluut geen baby meer ! Op de receptie liep je parmantig rond tussen het vele volk, maar wilde toch vooral op onze arm zitten zodat je meer kon zien. Voor mij was dat wel een probleem, want ik was de avond voordien door mijn rug gegaan, en had zelfs moeite met zitten. Na een uurtje namen oma en opa je weer mee naar huis. De drukte had ervoor gezorgd dat je echt wel moe was, en je bleef bij hen slapen. Je wist wel al dat je de volgende morgen stil moest zijn, want ook Koen en Else bleven slapen: ze vonden het te gek om ’s nachts nog terug naar Brussel te rijden, om dan de volgende morgen opnieuw naar Ronse te rijden om te komen eten. Je hebt nog wel een paar andere dingen van hen geleerd: Tom Boonen ! Je haalt bij het fietsen eerst een grote snelheid, en dan steek je je armen in de lucht en roept: “Tom Boonen !” Ik heb me slap gelachen toen ik je dat de eerste keer zag doen: hilarisch gewoon ! Je bent een heerlijk ventje, Wolf !

De maandag daarop is oma (van de waai) alweer naar Wondelgem gekomen: papa had een vergadering die avond, en ik had oudercontact. Zodra je haar zag, werd je wildenthousiast :-) en vond ik het al helemaal niet erg om te moeten vertrekken: je was in goede handen. Ik weet eigenlijk nog steeds niet wie er het zotst is van wie: jij van je oma, of oma van jou ! Ik was wel een stuk vroeger dan voorzien thuis omdat mijn rug me dooddeed, maar jij lag al lekker in je bedje. Dankjewel, oma !

Dinsdag waren wij tweetjes alleen thuis omdat papa op opleiding was in Leuven, zoals elke dinsdag, en woensdag was papa alleen met je thuis, omdat ik een extra repetitie had van het koor.
Donderdag ben ik met jou naar de kinderarts geweest: je stoelgang is nog steeds absoluut niet zoals het hoort ! Het was een heel tijdje een pak beter, sedert je geen koemelk meer krijgt, maar de laatste tijd is het weer slappe kost. De dokter verklaarde je voor de rest prima gezond, 84 cm en 12 kilo, en nam een staaltje van je kak ter analyse. Hij maakte zich evenwel niet veel zorgen omdat je zo gezond bent, absoluut niet te mager of zonder energie, en echt een blije peuter. Toch ging hij iets laten weten, als er iets scheelde. Ik heb hem tot op vandaag nog steeds niet gehoord, maar ik ga toch zelf eens bellen. Ik was trouwens apetrots op jou die avond ! Je ging heel gehoorzaam zitten, en liet je probleemloos uitkleden door de doktershulp. Toen de dokter je onderzocht, op je buikje duwde, met zijn koude stethoscoop naar je adem luisterde en in je oren keek, gaf je geen kik. Je keek me alleen met grote ogen aan, maar ik stelde je gerust en je vertrouwde me duidelijk. Toen ik je vroeg om je tong uit te steken zodat de dokter even in je keel kon kijken, deed je ook dat zonder protesteren. De dokter stond versteld, zei hij. Hij had nog zelden zo’n rustig kind bij zich gehad. Je liet je ook rustig weer aankleden, en kwam daarna bij mij. Toen vond je dat je eigenlijk lang genoeg had stilgezeten, en ging op verkenning doorheen de praktijkruimte. Eerst pakte je een grote Winnie van een stoeltje in de hoek, sleepte dan het stoeltje tot bij mij en ging naast mij zitten, en kwam dan met nog een beertje aandraven dat je van de vensterbank had geplukt. Dit alles ging gepaard van een hoop enthousiaste commentaar, wat de dokter de opmerking ontlokte dat je al even goed kon babbelen als je mama. Tegen dan had ik alle formaliteiten zoals betaling en dergelijke afgewerkt, en vroeg ik je om je stoel terug te zetten en de Winnie er terug in te zetten. ‘Ja mama’, zei je, nam de stoel, en deed wat van je gevraagd werd. Toen je daarna ook het kleine beertje terug op de vensterbank zette zoals ik vroeg, schoot de dokter al helemaal in de lach, en zei dat hij zoiets nog nooit had gezien. Ik denk dat ik een meter groeide van trots, kleine muis ! Toen je even later parmantig en stevig ingepakt ‘Dag meer’ (meneer) zei en buiten wandelde, hoorde ik hem achter me lachen, en ik deed eigenlijk hetzelfde. Je bent een eigenwijs mormeltje, Wolfje van me !

’s Avonds had ik roleplay bij ons thuis, maar maakten we iets teveel lawaai voor jou om te kunnen slapen. Na enige moeite lukte dat uiteindelijk wel, gelukkig. En de vrijdag was nog maar eens speciaal voor jou: deel twee van het huwelijksfeest van Jeroen en Delphine ging door in Zomergem. Papa en ik moesten opnieuw present zijn in vol ornaat, en Else had aangeboden om te babysitten. Blijkbaar hebben jullie rustig gespeeld, en ben je op een aanvaardbaar uur zonder veel protest in je bed gegaan. Dank je, Else !
Ook het weekend was weer anders dan normaal: het koor waar ik sinds september in zing, zat in de halve finale van Het Koor van het Jaar, een prestigieuze koorwedstrijd, en daarom moesten we de hele dag naar Leuven. Eerst camerarepetities, en dan ’s namiddags de eigenlijke wedstrijd met proclamatie. Dat betekende dat ik weg was van half tien ’s morgens tot acht uur ’s avonds, en dat je de hele dag bij papa was. Jullie zijn gezellig samen boodschappen gaan doen, heb ik gehoord. We zongen zodanig goed dat we in de finale zijn geraakt, waardoor ik ook nog eens de hele zondag naar Leuven moest, van half één tot middernacht. Gelukkig had ik dat half en half voorzien, en mocht je de dag doorbrengen bij Roeland en Sarah, zodat papa ook nog wat rust kreeg. We hebben wel erg lang geslapen: het was half tien toen we wakker werden, en een half uurtje later stonden Roeland en Sarah bij ons met boterkoeken en croissants. Hij is duidelijk je favoriete nonkel: je wilde die ochtend totaal niet uit je badje, tot je hoorde dat Roeland en Sarah gingen komen: je kon er niet snel genoeg uit zijn ! ’s Namiddags mocht je met hen op babybezoek en daar pannenkoeken eten, en nu nog spreek je soms van ‘Mooie Nina’ :-) Soms vraag ik me af wat iedereen je nog meer wijsmaakt dat papa en ik nooit te weten komen…

Vorige week was gelukkig lekker rustig, zodat we allemaal, jij incluis, even op adem konden komen en terug in ritme kwamen. Woensdag heb je lang geslapen in de namiddag, en zijn we uiteindelijk tegen vijf uur richting Eeklo vertrokken voor een bezoekje aan omoe in het ziekenhuis. Die heeft een longontsteking waarmee niet te spotten viel, en aangezien opoe’s gezondheid ook al wat wankel is, leek een ziekenhuisopname de beste oplossing. Ze was in elk geval heel blij ons te zien. Jij was energiek als altijd, verkende de kamer, sprong op en neer op het bed, en adopteerde de baxterstandaard op wieltjes als speelgoed. Je bent er de hele kamer en de halve gang mee rondgereden, met open mond van verbazing en concentratie. En toen begon er één of andere machine op de gang te piepen. ‘Oort ! Piep-piep ! Wof zoeken ! Mama kijken !’ Er was geen houden meer aan: je móest en zou de bron van het gepiep localiseren. Ik gaf je de toestemming even te gaan kijken, en weg was je. Uiteraard volgde ik enkele seconden later, en toen liep je onbevreesd midden van de gang, tussen de verpleegsters en verplegers door, en keek in elke kamer of je daar soms nog gepiep hoorde. Dat was inmiddels gestopt, maar dat hield je niet tegen om verder te zoeken. Je vroeg het zelfs aan de hogelijk geamuseerde verplegers: ‘Piep-piep ?’ Zo liep je de hele lange gang door, en pas dan kon ik je aan het verstand brengen dat het gepiep opgehouden was, en dat je het niet meer zou vinden. Daarop draaide je je om, en liep je tegen iedereen te verkondigen dat ‘Piep-piep daan. Ja ! Chien weg’ terwijl je overtuigend van ja knikte, en terug de kamer van omoe binnenliep. De omstaanders wilden gewoon niet geloven dat jij amper 21 maanden was, en ik beaamde vol trots dat je inderdaad al goed kon praten, behoorlijk zelfstandig was en vooral niet mensenschuw.

Vrijdagavond was ook anders dan anders: papa en ik zijn verjaard, en dat wilden we vieren door uitgebreid te gaan eten. Oma zag het zitten om te komen babysitten, en jij had daar duidelijk ook geen probleem mee. Je besefte zelfs maar al te goed dat wij niet thuis waren en dat het oma was die op jou lette: toen je in de loop van de avond wakker werd, riep je zachtjes om oma… Die gaf je dan een verse broek, en stopte jou netjes weer onder. Ondertussen was het beginnen sneeuwen: dikke vlokken dwarrelden in hoog tempo naar beneden, zodat we in een dikke sneeuwlaag naar huis terugreden van het restaurant. Het was zo erg dat ik oma zelfs voorstelde om te blijven slapen, maar dat zag ze niet zitten.
De volgende morgen lag er inderdaad een dik sneeuwtapijt van prachtige dikke plaksneeuw, ideaal om een sneeuwman te maken. Jij wist niet wat je zag: je eerste (bewuste) sneeuw ! Alledrie duffelden we ons goed in, deden laarzen aan, en gingen naar buiten. Jij vond de sneeuw koud en nat en dus niet geschikt om aan te raken, maar wel heerlijk om in rond te stappen en met een borstel papa te helpen terwijl die het voetpad vrijmaakte. Ik heb ook een grote sneeuwman gemaakt op amper 10 minuten, zó dik en stevig was de sneeuw ! Jij kon je er niks bij voorstellen, tot ik twee stukjes hout pakte om de ogen te maken, een twijgje nam als mond en een bosje gras als haar. Dadelijk wees je met je vingertje naar het gezicht, en zei in opperste verbazing: ‘Pompoen !’ Ik moest lachen, maar ergens heb je wel gelijk: het hoofd van een sneeuwman heeft wel wat weg van een pompoengezicht met Halloween. Je stapte nog vrolijk wat rond, begon te huilen toen je vastzat in de twintig centimeter sneeuw die was samengewaaid op het terras, en ging uiteindelijk met me naar binnen. Daar ben je wel een keer of twintig aan het raam gaan staan om ons de ‘pompoen’ te tonen. Jammer genoeg was wel de zon beginnen schijnen en bleek de sneeuwman niet zo stabiel te staan als ik wel had gehoopt, want amper een uurtje later viel hij om, tot je grote consternatie. Toen bleef je, denk ik, wel een half uur tegen het raam staan, terwijl je voortdurend herhaalde: ‘Pompoen pot ! Mama maak !’ Dat herhaalde je nog wat later nog maar eens door de telefoon tegen oma, die er uiteraard geen snars van begreep. Toen ik het haar uitlegde, moest ze lachen, en heeft ze jou dat wellicht nog een keer of vijf doen zeggen. Jij meende het in elk geval, want je keek heel erg ernstig. Kapotte sneeuwmannen, daar valt nu eenmaal niet mee te spotten !

Je woordenschat is ook een flink stuk uitgebreid. Je maakt nu al zinnen van drie woorden, gebruikt werkwoorden, en kan je behoorlijk goed uitdrukken. Soms sla je echte volzinnen uit je voeten, maar jij ben vooralsnog de enige die ze begrijpt. Regelmatig verras je me met een compleet nieuw woord, zoals nog deze morgen. Ik borstelde mijn haar, en jij wilde blijkbaar hetzelfde doen. ‘Mama ‘aar, Wof ook’. Ik gaf je je kleine zachte babyborsteltje, en jij wees naar het steeltje en zei: ‘Puntje’. En inderdaad, er zat een stompe punt aan de steel. Ik denk dat je heel veel woorden oppikt bij Nice, maar dat ik dat daarom niet altijd hoor.

Je hebt ook een heel eigen willetje: de laatste tijd ben je verzot op paté, en ik kan je echt nauwelijks iets anders doen eten. Ik laat je dan ook meestal kiezen, en bijna onveranderlijk kies je voor paté (choco en hagelslag behoren niet tot de keuzemogelijkheden, die komen alleen in aanmerking als je al twee boterhammen met iets anders hebt gegeten). Als ik dan toch aanstalten maak om bijvoorbeeld kaas te nemen, zeg je vol aandrang en zelfs bijna al huilend: ‘Nee mama ! Paté, paté ! Wof paté !’
En gisteren heb je het hele huis volgelegd met propere was. Ik geef het toe, er stonden twee volle wasmanden klaar om opgevouwen te worden, maar het was er nog niet van gekomen. Je hebt niks anders gedaan dan de manden uitgeleegd, weer opgevuld, weer uitgeleegd, er zelf ingekropen, opnieuw opgevuld met iets anders… En de wasspelden zijn tegenwoordig ook een favoriet speelgoed: als ik de doos niet wegzet, giet jij ze leeg en vind ik wasspelden op de gekste plaatsen. Door het feit dat je met de was had zitten spelen, wist je ook maar al te goed wat erin zat, en toen ik je in je bed wilde steken en je slaapzak nam, zei je resoluut: ‘Nee mama, niet diene. Diene !’ en je nam een dikke winterslaapzak met mouwtjes uit de mand. Er was geen doen aan, je wilde perse die bepaalde slaapzak, en aangezien het vrij koud is, heb je hem gekregen ook.

Soms vraag ik me af of ik je niet teveel toegeef. Maar als ik dan zie hoe voorbeeldig je je kan gedragen, en hoe goed je eigenlijk wel luistert, denk ik dat het al bij al best meevalt.

Gecategoriseerd onder: Buiten spelen, Op stap, Taal — Mama om 10:48 pm op Saturday, October 8, 2005

Heh, het zijn de heerlijke herfstdagen zoals vandaag die het hem doen, kleine sproet. Vandaag was eigenlijk niks bijzonders, en toch heb ik ervan genoten.
We hebben allemaal - papa, jij en ik - geslapen tot half negen, en dan heb jij bij me in bed je flesje gedronken en gespeeld. Je was deze morgen al heerlijk goed gezind, lieverdje. Je begon al helemaal te stralen toen ik het magische woord ‘badje’ uitsprak: je nam me bij de hand en trok me mee naar de badkamer, en stond vrolijk te dansen aan de rand van het bad. In bad had ik een grote verrassing voor jou: nieuw speelgoed ! Je hebt het gekregen van Paulette toen je geboren bent, maar je bent er nu pas groot genoeg voor: zingende dolfijnen ! Het zijn 8 plastiek dolfijntjes met bijhorende zwembandjes, en als je op hun kop slaat, maken ze een geluidje. Heel leuk :-) Voorlopig krijg je er nog maar drie, of je ganse bad ligt vol.

Na je ontbijt hebben we wat gespeeld, en zijn naar de Delhaize getrokken, waar je vrolijk hebt zitten commentaar geven op alles en nog wat. Vooral de grote afbeeldingen van een poes, hond en konijn aan de dierenwinkel trokken je aandacht: je liep voortdurend van de een naar de ander, en kraaide van de pret. Terug thuis heb je me helpen koken en de was ophangen, en eenmaal buiten was er geen houden aan: je moest en zou op de schommel. Je vindt het heerlijk als ik je vrij hoog doe gaan, en dan op het hoogste punt de schommel tegenhou. Dan zit je te schateren en roep je: ‘Nog ! Nog!’

Rond half een heb je een ganse pot kip met patatjes en courgette deels zelf binnengewerkt en deels binnengelepeld gekregen. Daarna was je zodanig zacht dat je gewoon drie uur hebt geslapen ! Zalig rustig voor mama :-p want papa was de ganse dag op opleiding. Je was net op tijd weer wakker om naar Hopla, Bumba en dergelijke te kijken (en te staan dansen en springen op de zetel), waarna je een peer hebt opgegeten, met nog een koekje erbij. Het weer buiten was prachtig, dus mocht je in je buggy en zijn we samen naar de wereldwinkel geweest en een DVD gaan terugbrengen. Terug thuis heb je eerst een hele tijd heel rustig zitten spelen op je eentje, en daarna heb je me ijverig geholpen om een cake te bakken. Heel fier heb je in het beslag zitten roeren, en daarna met nog meer trots de lepel afgelikt :-p Ondertussen was papa thuisgekomen, maar die was zodanig moe dat we hem nog wat rust hebben gegund, en in de tuin beginnen werken zijn. Terwijl ik de lavendel snoeide, liep jij er tussendoor, trapte hem plat, zat erin te poken met je kleine schopje, en spoorde me vooral aan verder te doen als ik eventjes stopte. Even later kwam tante Sarah langs, die wat later volleybaltraining had hier in Wondelgem. Enthousiasme alom, van beide zijden :-p Nu zit je in je pyama bij papa je flesje te drinken: je hebt net twee grote sandwichen naar binnen gespeeld.

Verder is er deze week niet veel bijzonders gebeurd. Maandagavond is Pieter langsgekomen, een goeie vriend van je nonkel Roeland. Jij was bijzonder enthousiast over hem, en wilde voortdurend met hem spelen. Niet dat Pi het erg vond om uurwerken te tekenen of met de blokjes te spelen hoor: binnen een drietal maanden wordt hij zelf vader. Blijkbaar had hij wel een diepe indruk op jou nagelaten: je zei niet alleen netjes slaapwel tegen hem, maar de volgende morgen had je het nog over hem: ‘Pi weg ! Tata Pi !’

Over die ‘tata’ gesproken: de laatste tijd is het vrijwel altijd papa die je ’s morgens naar Nice brengt. Groot was dan ook mijn verbazing toen ik je vrijdagmorgen bij haar afzette: in plaats van te huilen op het moment dat ik zou voortgaan, stak je op een bepaald moment zelf je armen uit naar Nice, en eenmaal goed en wel op haar arm gezeten, maakte je me duidelijk dat ik nu wel weg kon: ‘Tata mama, tata !’ Je stak me zowat buiten ! Het is natuurlijk wel een pak aangenamer zo :-)

Je slaapkamerlichtje is een groot succes. Ergens tussen half acht en acht vraag ik je of je wil gaan slapen, en steevast zeg je ‘Nee !’. Dan begin ik met een zachte stem op je in te praten: ‘We gaan naar boven, en ik doe je een slaapzakje aan, en dan in je bedje, met een tuutje, en een beertje, en dan steken we het lichtje aan met de muziek.’ Toverwoord is ‘lichtje’: terwijl je daarvoor nog van nee zit te schudden, zeg je bij het woord ‘lichtje’ meestal zelf ‘Wof bov ! Lich !’, en dan kan het niet snel genoeg gaan. Je zegt slaapwel tegen papa, de hond, of wie er ook is, en begint ijverig de trap te beklimmen. In de badkamer krijg je je slaapzak aan, en dan in je kamer mag je zelf het knopje van het lichtje en het muziekje induwen. Met een vergenoegde grijns op je gezicht ga je daarna netjes slapen.

Heh. Ik denk dat ik het eens ga proberen zie. Het is per slot van rekening kwart voor acht. Slaapwel, sproetie !

« Vorige paginaVolgende pagina »