Vieze beestjes

Gecategoriseerd onder: Gewoon verslag — Mama om 10:13 am op Thursday, December 14, 2006

Ach liefje, nu zijn we weer wat tegengekomen! Gisteren had jij een dagje vrij van school, en hebben we samen een dagje vakantie genomen. Kort na de middag zaten we samen even tv te kijken, en jij zat op mijn schoot terwijl ik liefkozend door je korte haar wreef. Plots zag ik iets bewegen: een klein bruin kruipding! Oh joepie! Ik moest onmiddellijk denken aan de luizenbrief die je vorige week meegekregen had van school, stak het ding in een plastieken potje, ging kijken op het net of mijn vermoeden wel juist was, en ja hoor: je had luizen! Brrr!

Onmiddellijk werd ik ook helemaal kriebelig. Het rare is, dat je er helemaal geen last van bleek te hebben: je moest niet krabben, of klaagde niet over jeuk of zo. Ik heb dadelijk Delphine (de apotheker) gebeld met de vraag of zij daar een afdoende middel tegen had, en met de boodschap dat ze best ook Marthe (thuis, geveld door een bronchitis) eens zou controleren. Gelukkig begint het stigma (dat luizen betekenen dat je niet hygiënisch zou zijn) te verdwijnen, maar toch voelde ik me er alles behalve gelukkig mee. Delphine gaf me iets nieuws mee: een middel dat niet gebaseerd is op gif of pesticiden, maar wel op basis van siliconen. Het is een kleurloze, reukloze en licht vettige vloeistof waarmee je je haar volledig moet inwrijven, en waardoor de luizen een verstikkend laag siliconen op zich krijgen, zodat ze sterven.
Ik heb meteen je haar gekortwiekt zoals ik wel vaker doe, en tegen de avond flink ingewreven. Je vond het helemaal niet erg, ik had je uitgebreid uitgelegd wat het plan was. Samen hebben we ook al het beddegoed en handdoeken en dergelijke ververst. Als resultaat liggen er nu bergen was op me te wachten, blergh.
Het ergste vond ik, dat toen ik even mijn eigen lange haar controleerde, ik er ook van had! Ook nog het begin, maar toch… Ik heb met het luizenkammetje vijf beestjes eruit gevist, en bij jou een stuk of tien. Ik heb vannacht dus ook geslapen met een siliconenkopje, en gelukkig is het al bij al zo erg niet, en blijken ze nu toch wel allemaal verdwenen te zijn. Yuck. Ugh. Bah.

Vieze beesten!

Lang verhaal

Gecategoriseerd onder: Lang verhaal, Mijlpaal, School, Vriendjes, Ziek — Mama om 10:09 am op Tuesday, December 12, 2006

Heh, mijn kleine ventje, ik heb je net naar school gebracht, en alles leek in orde. Gisteren was ik er toch niet helemaal gerust in: toen ik je tegen vijf uur ging halen op school, zat je stilletjes in een hoekje te zitten, iets wat ik helemaal niet gewoon ben van jou. Toen je me uiteindelijk opmerkte, begon je prompt te huilen. Je had in je broek geplast, en durfde het niet zeggen tegen juf Koula. Je zat ocharme in een plasje… Ik heb je dan maar dadelijk gewassen in je klasje, en verse kleren aangedaan, en je voelde je meteen al een pak beter. Wel waren je kaken helemaal rood, en ja, je voelde warm aan. Thuis kroop je tegen me aan in de zetel en keken we samen naar Sesamstraat, en toen viel het me op dat je wel héél erg warm had. Honger had je niet, zei je. Tegen kwart over zes lag je rustig te slapen in mijn armen… en heb ik je nog tot kwart over zeven laten slapen in de zetel. Toen heb ik je toch wakker gemaakt: je ging beter slapen in je bed, en een pamper is toch ook nog altijd veiliger. Eten wilde je niet, wel een glaasje water. Ik probeerde je temperatuur te nemen, maar je hebt een heilige schrik van de thermometer, en het is me niet gelukt. Ik schat dat je toch boven de 39° had, je gloeide helemaal. Boven liet je me gewillig je pyama aandoen, en heb ik er snel een Perdolan poepsnoep bovenop gedaan. Je begon te brullen zodra je het voelde, maar kalmeerde al even snel. Iets later lag je rustig en blijkbaar zelfs blij in je eigen bed. Toen ik rond elf uur even ging kijken, sliep je vast, en was de koorts verdwenen. Rond vier uur wilde je een glaasje water en zag je er al veel beter uit. Om half zeven hoorde ik plots je glasheldere stemmetje in de gang: “Mama? Ik wil een glaasje water”. Je was zelf uit je bed gekomen en had je deur open gedaan, wellicht omdat ik je eerder niet had gehoord. Toen voelde je wat klam aan, maar ging gewillig weer slapen na dat glaasje water.
Ik heb je dan maar meteen laten slapen tot tien voor acht, je een stevig ontbijt gegeven, en je naar school gebracht. Je zag nog wat bleekjes, maar taterde alweer honderduit, ik hoefde me dus geen zorgen te maken.

Je bent er blijkbaar ook nogal van onder de indruk dat papa voor drie dagen met de trein naar Parijs is. Je komt er steeds weer op terug, en vannacht heb ik moeten lachen: terwijl ik een glas water ging halen, zei jij dat papa snel even terug was gekomen, en dan snel weer naar de trein ging. Ik zei dat papa een bed in Parijs had, en dus niet thuis sliep. Toen moest je even denken, en kwam de conclusie: “Mama, als papa woensdag terug komt, dan zal hij niet meer op de tsjoeke tsjoeke trein zitten, maar weer in jouw bedje slapen, he? En jou dan een grooooooote knuffel geven, ja”. En dit werd onderstreept door grote armgebaren en een heftig geknik. Ik wist toen eigenlijk al dat je niet meer ziek ging zijn, je ogen straalden alweer.

Je bent de laatste tijd wel vaker ziek, of toch een beetje. Meestal heeft het te maken met een hoest, maar ook niet altijd. Zo was je op zaterdag 11 november ook geveld door de koorts, zonder enig aanwijsbare oorzaak. Het enige waar papa en ik konden aan denken, was het doorbreken van je laatste kiezen. Je hebt die nog steeds niet, en je klaagde over pijn aan je tanden. Je zit ook voortdurend met je vingers in je mond, of op het een of het ander te knauwen, net zoals een kleine baby. Je had die zaterdag nochtans wel ijverig gespeeld met ons en de gebruikelijke kussenkastelen gebouwd, maar tegen de avond was je toch uitgeteld in de zetel in slaap gevallen. Je had dan ook een ‘kasteel’ gebouwd in je speelhoekje: je had al je speelgoed op elkaar gestapeld, inclusief stoeltjes en en auto’s en schommelpaard, en was er toen nog bovenop geklommen. Dat je er niet bent afgedonderd, ik versta het nog niet. Je zat in elk geval apetrots van boven, en papa moest een foto nemen, zei je.
Tegen de zondag was je helemaal ziek: lusteloos, weinig honger, en koorts. Ik had de indruk dat papa er ook wat last van had: hij is de hele dag ook amper uit de zetel gekomen. Op een bepaald moment hebben jullie dan ook allebei liggen slapen in de zetel, wel meer dan een uur, en het was schattig om zien. Ik had echt medelijden met mijn zieke ventjes…

Maandag was je er gelukkig weer helemaal door, en was er schoolfoto. Ik heb er toch eentje genomen, ondanks het feit dat je net twee grote builen had. Een keertje was je van een trapje geschoten en gevallen, de tweede keer had je een stevige duw gekregen van een grotere jongen in de opvang. Het lijkt wel of ik je mishandel! Gelukkig weet de juf wel beter (de valpartijen gebeuren ook bijna altijd op school) en dat beaamde ze ook ’s avonds tijdens ons eerste oudercontact. Het doet wel raar om langs de andere kant te staan, voor een keer. Ze wist te vertellen dat je op zo goed als alles prima scoort: voor je leeftijd ben je bijzonder taalvaardig, zeer sociaal, kan je je vrij lang concentreren, ben je lief, behulpzaam en gehoorzaam, en nog wel wat zo van die lovende termen. Papa en ik zaten allebei te stralen. Alleen qua zelfredzaamheid kan het wel wat beter: je zegt nogal snel dat je iets niet kan, zoals het uittrekken en zelf weghangen van je jas. Ik moet toegeven, hier thuis doe ik dat nogal vaak voor jou, maar sindsdien mag je het zelf doen, al is dat soms tegen je zin. Je doet nu dus veel meer zelf, en eigenlijk is dat helemaal niet slecht. Oh, en nog iets wat de juf bizar vond: je bent in zowat alles goed, behalve puzzelen, en toch doe je dat zo graag. Elke vrijdagnamiddag worden er puzzels uitgehaald, en wie wil mag ermee spelen. Jij zegt elke keer enthousiast ja, en ze heeft gewoon medelijden met je, omdat het telkens opnieuw niet lukt. Arme snoet…

Dinsdag was je gelukkig weer je eigen energieke zelf, en maar best ook: grootouderfeest! Ik had je witte, gele, oranje of beige kledij moeten aandoen, en een paar gele rubberen handschoenen meegeven. Tegen twee uur werden de grootouders op school verwacht, en bompa, Omaly en oma zijn inderdaad ook gekomen. Ze werden er getrakteerd op een spektakel met allemaal eendjes, en mochten zelfs de vogeltjesdans meedansen, wat beide oma’s ook gedaan hebben. Daar is zelfs fotografisch bewijs van! Daarna kregen ze een kop koffie met een stuk taart, en tegen half vier kwamen ze met jou thuis. Iedereen had het blijkbaar enorm naar zijn zin gehad, en jij was al helemaal opgewonden en enthousiast. Toch viel je iets later stil, en heb je rustig naar tv gekeken, toen de oma’s en bompa al weg waren.

Woensdag zijn we in de namiddag naar Quinten, Aaricia en Jorunn gegaan: ik wilde Nathalie nog wel eens zien, en op die manier kon ook jij spelen op je lange woensdagmiddag. Je hebt samen met Aaricia de boel op stelten gezet, al viel het me op dat je al bij al nog vrij rustig was. Fruit ging vlot binnen, en we zijn ook even het huis gaan verkennen en een kijkje gaan nemen bij de verbouwingen van de zolderverdieping. Het huis en speelgoed van andere kinderen zijn altijd wel leuk, natuurlijk.

Rond een uur of zes zaten we thuis alweer aan tafel boterhammetjes te eten, en viel mijn frank dat ik nog even langs de apotheek moest. Wij allebei dus opnieuw jassen aan, en naar de apotheek. Het eerste dat jij altijd vraagt als we daar binnen komen, is of Marthe thuis is, en Delphine lijkt het ook helemaal niet erg te vinden dat we zo onaangekondigd binnenvallen. Tsja, ze hoeft ons maar niet binnen te laten als het niet uitkomt natuurlijk, eigenlijk kom ik gewoon iets halen in de winkel. We hebben, denk ik, wel meer dan een uur zitten kletsen, terwijl jij en Marthe enthousiast aan het spelen waren. Het valt me telkens weer op hoe goed jullie je op je gemak voelen bij elkaar, en hoe leuk jullie samen spelen. Pieter kwam toen ook nog thuis, en toen ben je helemaal wilde spelletjes met hem beginnen spelen. Ik denk dat je tijdens de week je papa soms wel een beetje mist, kleine sproet. Het was geloof ik wel half acht voor we thuis waren, al voorbij je bedtijd. Niet dat dat zo erg was hoor, je had je prima geamuseerd. Oh, en Delphine en ik liggen elke keer weer plat van het lachen als we je vragen salu te zeggen en een kusje te geven: het is nog steeds netjes op de mond, echt schattig!

Op zaterdag was het papa’s verjaardag: wij tweetjes zijn samen opgestaan en hebben papa laten slapen tot tien uur. Dat was meer dan tijd genoeg om hem een “hiep-hiep-hoera-kroon” te maken, zoals jij dat noemt. Blijkbaar moeten verjaardagen gevierd worden met een kroon, en wie ben ik om dat tegen te spreken :-p In de namiddag is nonkel Koen langsgekomen en hebben we samen taart gegeten (jij mocht samen met papa het kaarsje uitblazen), en in de late namiddag hebben we samen papa’s favoriete dessert gemaakt: witte chocolademousse. Jij helpt me daarbij echt wel: je staat op je eigen hoge stoel met een schort aan, en roert enthousiast in elke pot waarin geroerd moet worden. Niet dat ik je kan betichten van altruïstische motieven: het is je enkel en alleen te doen om het aflikken van gebruikt keukenmateriaal, en ik kan je geen ongelijk geven :-p
’s Avonds is dan Anaïs gekomen om met jou te spelen en op jou te babysitten, want papa en ik zijn lekker gaan eten ter ere van zijn verjaardag. Al bij al waren we vrij vroeg thuis, maar dat was ook omdat we wisten dat jij de volgende ochtend fris en vrolijk paraat ging staan om in bad te gaan en koffiekoeken te eten. Ik moest ook ’s middags een concert zingen met het koor, en wilde mijn stem niet teveel belasten. Jij bleef ondertussen netjes bij papa, en zo te zien hebben jullie vooral veel gespeeld. Je geniet toch echt van de weekends dat je papa thuis is, liefje :-)

De woensdag daarop zijn we in de vroege middag naar Lovendegem getrokken, om te spelen met de meisjes. Dat was eigenlijk best lang geleden, veel te lang eigenlijk. We zien Sofie en de meisjes amper nog, jammer. Je hebt je best geamuseerd, ook al omdat ik een taartje had meegebracht ter ere van mijn verjaardag. Wat me trouwens opviel, was hoe lief je eigenlijk wel was voor de kleine Ines. Zodra ze huilde, ging je naar haar toe, en probeerde haar te troosten. Toch was je ook jaloers: ze was naar me toegekomen en zat op een van mijn knieën, en jij wou meteen op de andere komen zitten. Tsja, dat ga je toch moeten leren hoor, lieve schat.

Op zaterdag ging de Ajuinlei, de straat waar papa’s kantoor ligt, weer plechtig open. Er was een speech voorzien, en een receptie en zo, en papa had wel zin om te gaan kijken. Wij dus alledrie dikke jassen aan, de paraplu mee, en naar Gent centrum. Op de parking van papa’s kantoor stond een partytent opgesteld, werden er broodjes, drank en warme ajuinsoep uitgedeeld, en was er muziek afkomstig van een live violist. Voor jou was het nogal druk en uitzichtloos tussen al die grote mensen, en heb je meer op papa’s arm gezeten dan wat anders. De broodjes gingen vlot binnen, trouwens. Na een uurtje was het meer dan welletjes voor jou (we waren al even het kantoor zelf binnengelopen, waren buiten naar het water en de bootjes gaan kijken en dergelijke) en gingen we iets eten in het Lepelblad, papa’s favoriete dagschotelrestaurant om de hoek. We hadden eerst nog gedacht aan een korte wandeling doorheen de stad zelf, maar toen zagen we Zwarte Pieten in een politieboot op het water, en iets verder een grotere overdekte boot met de Sint! We hebben een kwartiertje of zo staan kijken, en toen bleek het voor jou alweer welletjes te zijn, en we gingen dan maar naar huis, lekker genieten achter glas :-p

Zondag werd een gezellige standaard zondag, met lang slapen, koffiekoeken, lekker eten ’s middags, samen chocomousse maken, een wandeling langs de ringvaart met Catullus, en dan koor voor mij en rustig tv kijken en slapen voor jou.

De week daarna ging eigenlijk vrij onopgemerkt voorbij: niks speciaals, niks dat uit de band sprong, net zoals het daaropvolgende weekend.

Vorige week was weer iets anders, en dat kwam eigenlijk gewoon door Sinterklaas! Toen ik je dinsdag van school kwam halen, was je helemaal opgewonden: Sinterklaas was langsgekomen op school, en jullie hadden liedjes gezongen in de zaal, en koekjes gekregen, en je was niet bang geweest van Zwarte Piet, vertelde je. Je had ook een zakje snoepgoed mee: twee zakjes kleine koekjes, een zakje speculoos, een mandarijntje, wat chocolade munten… Meer dan genoeg om opgetogen over te zijn. ’s Avonds ging je zonder problemen slapen, ook al wist je dat Sinterklaas die nacht ging komen. Je zei wel eventjes in je bed dat je bang was, maar ik zei dat mama (en later die avond ook nog papa) er was, en dat er dus niks was om bang over te zijn. Gerustgesteld ging je slapen, en toen papa rond elf uur thuiskwam, zijn we samen van de zolder jouw tafeltje, bankje en stoeltje gaan halen, om dat samen met wat witte chocolade en andere snoepjes klaar te zetten.
Goh, je gezichtje ’s morgens! Je straalde helemaal, en ik was zelf zodanig vertederd dat ik vergeten ben er het fototoestel bij te nemen, ook al was ik dat op voorhand vast van plan. Iets later waren we op school, en deed je blijkbaar uitgebreid verslag aan de juf van wat je gekregen had.
In de namiddag gingen we naar Zomergem, eens kijken wat de sint daar gebracht had (en vooral ook het driewielertje ongezien meesmokkelen omdat dat eigenlijk in Ronse ging gebracht worden). Het bleek een verfdoos te zijn met kleine stempelsponsjes, en een schildersschort. Oma en opa waren nog maar net terug uit Thailand, en hadden vandaar wat schelpen meegebracht, een prachtig blauw porseleinen olifantje, een T-shirt, en een… krokoleeuw! Een lang papieren draakachtig beestje, dat via een systeem met een koordje, een wieletje en rekkertjes de meest wijze bewegingen en bokkesprongen maakt. Onmiddellijk werd dit je krokoleeuw gedoopt, en je was het daar roerend mee eens.

Vrijdag vond je het schitterend om samen met mij, toen ik je van school had afgehaald, gerief in onze splinternieuwe koelkast te leggen. De vorige, een inbouwmodel dat nog van de vorige eigenaars was, had het eindelijk begeven, en daarop hadden papa en ik vorig weekend de inbouwkast afgebroken, om plaats te maken voor een nieuw, hoog, vrijstaand inox model. Ze waren het die vrijdag komen leveren, en jij vond het fantastisch: groot en blinkend, en vooral met magneetjes op! Papa en ik moeten dringend eens een nieuwe serie magneten kopen, want jij hebt de hele dag met die dingen zitten spelen, zodat de koelkast al niet echt meer blonk maar vol vettige kleine vingertjes stond :-p Niet dat dat erg is hoor, gewoon grappig.

Je had vrijdag al zitten zingen over een groene krans met vier kaarsjes, en dus vond ik het zaterdag ideaal om samen met jou een echte adventskrans te maken. Ik had je dat de vrijdag nog beloofd, en het was ongeveer het eerste wat je zei, toen ik je zaterdagmorgen uit je bedje viste: “Vandaag groene krans maken, he mama?” Gewapend met dikke jassen, mutsen en een snoeischaar zijn we gaan aanbellen bij de overbuurvrouw, die de ideale soort coniferen (ik weet niet wat het precies zijn) staan heeft in haar tuin. Samen hebben we een emmer blaadjes geknipt, en dan op de keukentafel met rood lint een kerstkrans gemaakt. Jij keek en zag dat het goed was.
Eergisteren, zondag, was ook weer een voltreffer. We hebben samen de kerstboom gezet! Samen met papa ben je naar de zolder gegaan om er de kunstboom (beste oplossing met kleine kinderen en katten) en de versiering naar beneden te halen, en samen hebben we de boom opgezet en opgetuigd. Je vindt hem prachtig, vooral de lichtjes.
Daarna was het stilaan tijd om ons boeltje te pakken en naar Ronse te gaan. Daar was de sint immers ook geweest, en die had voor jou een prachtige rode driewieler mee, twee puzzels en een beetje snoep. Vooral over de fiets was je heel enthousiast: je had dan ook twee fietsen uitgeknipt en opgeplakt op je verlanglijstje in school. De puzzels hadden ook wel iets: je bent er absoluut niet goed in, maar doet het wel dolgraag. Nonkel Staf ook, blijkbaar :-p
We hebben er heerlijk gegeten, zoals altijd, en gezellig zitten kletsen over vanalles en nog wat. Jij was vrij moe, maar hebt toch een en ander gegeten, en vooral heel lief gespeeld. Nonkel Staf en ik hebben dus met de puzzels gespeeld, opa heeft je voorgelezen, je hebt met zowat iedereen zitten knuffelen en spelen… Tegen vier uur zijn we nog even op bezoek gegaan bij tante Els in het rusthuis iets verderop, en daarna richting huis. Toen ik thuis kwam uit het koor zat jij al braafjes in je bed, zonder een kik te geven, vertelde papa.

Maandagmorgen was het enkel ons tweetjes: papa was voor drie dagen naar een congres in Parijs, en was heel erg vroeg vertrokken. Ik moest niet naar school, en kon ons rustig klaarmaken, ontbijten, en nog netjes op tijd zijn.  Vandaag had datzelfde scenario zich kunnen herhalen, ware het niet dat ik jou liever zo lang mogelijk liet slapen, en me er voor een keertje niet aan stoorde dat je te laat was.

UPDATE: Om half twee ging de telefoon: de secretaresse van jouw school wist me te vertellen dat je nauwelijks gegeten had, en op dat eigenste moment lag te slapen in een bedje bij tante Mireille. En of ik je niet wou komen halen omdat je eigenlijk toch wel ziek was. Toen ik aan de kleuterrefter aankwam, zat jij net verdwaasd voor je uit te kijken op een bedje, je was net wakker geworden na een stevige tuk van een uur. Zodra je me zag, gingen de armen op, en klemde je je rond mij, je hoofdje op mijn schouders. Op zich al teken genoeg dat er iets scheelde. Tante Mireille vertelde ook nog dat je vlak na het eten bijna 40° koorts had, en dat ze je daarom in bed had gestoken. Toen ik je kwam halen, had je geen koorts (meer), maar je was toch duidelijk niet helemaal in de haak.
Toch had je thuis geen zin om te slapen: je viel er precies door, en speelde honderduit met kussens en fietsjes en kaartjes en… Toch heb je op een bepaald moment moeten overgeven, maar dat was eerder van het hoesten dan wat anders. Gelukkig had je een handdoek bij de hand, en was de schade heel beperkt. Al je eten was er wel opnieuw uitgekomen, samen met het koekje dat je intussen had gekregen. Je had er echter geen last van: na opruim speelde je gewoon verder.
Toen heb je nog een tijdje rustig naar tv zitten kijken, en heb je een chocomelkje gedronken. Ik vond dat geen goed idee, maar er was geen zeggen aan. En ja hoor, je had aan tafel een halve boterham naar binnen gewerkt en zat honderduit te tateren, toen er plots bij een hoestbui alles weer uit kwam. Ik had gelukkig de reflex je op te pakken en boven de pompsteen te houden, dus opnieuw was de schade miniem. Jij huilde van het ongemak, maar voelde je echt niet slecht.

Ondertussen lig je al een dik half uur in bed, en ben je nog steeds zwaar aan het hoesten, ondanks een stevige lepel hoestsiroop. Ik heb echt medelijden met je, maar weet niet wat ik eraan zou kunnen doen. Arme arme jongen… Als het morgen niet beter is, toch maar weer eens naar de dokter. Op den duur ga je nog immuun worden voor dit soort antibiotica, snoetje…

Van feestjes, ziekenhuizen en steunzolen

Gecategoriseerd onder: Familie, Feest, Lang verhaal, Pis- en kakverhalen, School, Ziek — Mama om 11:02 pm op Sunday, December 3, 2006

Tsja, dit wordt wellicht weer een erg lang verhaal, aangezien er zoveel is gebeurd sinds mijn laatste berichtje.

Ik moet al de foto’s raadplegen om te weten wat we weer allemaal hebben uitgespookt. In jouw geval is dat letterlijk op te vatten: je bent een klein spookje! Ik heb enorm moeten lachen: op een bepaald moment was ik rustig aan het werken aan mijn PC, en jij was met papa je pyama gaan halen. Plots hoor ik een groot gegiechel en een ge-stttt! de trap afkomen. Ik doe uiteraard alsof ik niks hoor, en werk rustig verder. En wat zegt er plots boe naast mij, waardoor ik verschrikkelijk verschiet? Twee spoken! Je viel bijna omver van het lachen toen ik “verschoot” :-)

Enfin, ik was gebleven bij het einde van de herfstvakantie, toen ik jou weer ging oppikken in Zomergem. Oorspronkelijk ging je maar tot vrijdag blijven, maar ik heb oma heel diep in de ogen gekeken, en gevraagd of je soms nog een nachtje langer mocht blijven zodat papa en ik nog samen konden gaan eten. Ze moest lachen, en stemde toe. Toppunt is dat ik me die avond alles behalve goed voelde, zodat we ook het restaurant hebben afgebeld. Al bij al was ik wel blij dat jij er niet was: ik voelde me gewoon slecht. Zaterdag ging het al wat beter, en ben ik jou kort na de middag komen halen. Zoals altijd was je blij me te zien, maar had je het dik naar je zin gehad in Zomergem. Jullie waren samen naar omoe geweest (waar je haar een boterkoek had afgeluisd), naar verschillende winkels, en hadden vooral veel gespeeld. Je vond het trouwens niet erg om nog voor één keertje in een klein bedje te slapen, maar ik vrees dat dat de volgende keer geen waar meer zal zijn. Mijn kleine jongen wordt groot, jaja.

Zondag werd weer een hele onderneming: zoals altijd aten we ’s morgens versgebakken boterkoeken en croissants - één van de weinige momenten trouwens dat jij altijd compleet zwijgt, het valt me telkens weer op - speelden we een hoop, bouwde jij nog maar eens met alle kussens uit de zetel een grote berg (die jij trouwens om onbegrijpelijke redenen je kelder noemt), en maakten we ons tegen half vijf klaar om te vertrekken. We waren uitgenodigd op het geboortefeestje van je neefje Alexander, en je kreeg daarom je mooiste kleertjes aan. Het was in dezelfde feestzaal als het trouwfeest van nonkel Jeroen en tante Delphine, en papa en ik reden dan ook op automatische piloot. Pas toen we aan de feestzaal zelf stonden, viel ons te binnen dat dat de verkeerde was, en vlak bij het ouderlijke huis van Delphine. Een en ander resulteerde erin dat we pas tegen zes uur in de feestzaal aankwamen, een pak later dan bedoeld. Het grappige was, dat Sepp en Sofie achter ons aan waren gereden, en dus ook verkeerd en te laat waren, en dat we hen eerst niet eens hadden opgemerkt!
Hoe dan ook, toen we er eenmaal waren, was jij in je sas: er stond een springkasteel! Gelukkig maar, want er was gigantisch veel volk en immens veel kinderen, en anders was je gegarandeerd al na vijf minuten lastig beginnen doen door de drukte. Nu konden we dat nog rekken tot pakweg zeven uur. Toen was je hondemoe, had je last van het vele volk, en kreeg je vooral ook veel honger. De hapjes op de receptie waren overvloedig, maar niet echt geschikt voor kleine jongetjes. Gelukkig hadden we noodrantsoenen mee in je ‘handtas’ - dat is de naam die je aan je blauwe zak geeft, waarin altijd wel reservekleren zitten, natte doekjes, een paar koekjes en een flesje water. We waren trouwens amper een paar 100 meter ver op een grote dubbele baan, toen jij met de mededeling kwam dat je moest plassen. Toch maar het zekere boven het onzekere gekozen, en een noodstop gemaakt. Je mocht langs de kant van de weg in het gras plassen, en vond dat nog best leuk ook. Thuis kreeg je nog snel een boterham, en ging je dadelijk in bed: je was doodop.

De juf kon dat de volgende dag trouwens wel zien, zei ze: je was hangerig en wilde voortdurend slapen. Tsja, een zwaar weekend gehad, he kleintje!

Maandag kreeg ik een telefoontje van dokter Rijckaert, de kindergastro-enterologe van het UZ die jou onder haar vleugels heeft genomen. Ze had jouw geval nog eens besproken met de heren professoren van de dienst, en ze vonden het heel erg bizar dat het probleem van je diarree zo persistent bleef, terwijl je er precies toch geen last van had. Daarom wilde ze dat we even langskwamen in het ziekenhuis voor een bloedafname, en ook om een pot te komen halen voor een 24-uurs urineverzameling. Ik hield mijn hart al vast: hoe gingen ze er in hemelsnaam in slagen om een naald in jou te steken zonder dat je moord en brand ging schreeuwen en de hele boel op stelten zetten? Ik had je wel al voorbereid op het feit dat je een spuitje ging moeten krijgen, dat kende je namelijk van mijn hormoneninjecties. Ik had je ook beloofd dat het niet erg ging zijn, maar dat het misschien een heel klein beetje pijn kon doen.
Op het moment zelf, de eerstvolgende woensdag, kon ik je compleet afleiden, voelde je het prikje in je hand nauwelijks, en keek je gewoon even wat die verpleegster aan het doen was. Je gaf gewoon geen kik, en vond het ook helemaal niet erg. Ik glom van trots, want ook de verpleegster was onder de indruk. Hehe.

De volgende dag kwam je alweer in een doktersomgeving terecht: we mochten je steunzolen ophalen bij podoloog Kenneth. Ook daar had ik je uitgebreid op de hoogte gebracht van wat je mocht verwachten. Het hielp wel dat je het begrip steunzolen wel kende omdat ik er zelf ook heb, en je me die dingen al regelmatig hebt zien versteken van het ene paar schoenen naar het andere.
Toch schrok ik toen ik ze zag: ze waren wel heel erg hoog, en gingen de stand van je voetjes wel heel erg grondig veranderen. Kenneth waarschuwde me dan ook: het zou best kunnen dat je erover ging klagen, dat je voeten pijn gingen doen, of je knieën, en dat je kramp kon krijgen in je kuiten. Hij raadde me aan je geleidelijk aan te laten wennen aan die dingen, en ze dus na een paar uur al uit je schoenen te halen de eerste dagen. Opnieuw vreesde ik dus het ergste, en opnieuw verbaasde je me, kleine snoet. We legden ze in je schoenen (nieuwtjes trouwens, hoge waterdichte oranje hippe dingen waar je gek van bent) en trots stapte je rond, zonder een kik te geven. Je vond het helemaal niet erg, zei je.
De volgende dag gaf ik toch maar een briefje mee voor de juf, met de vraag het in de gaten te houden en de steunzolen er ’s middags toch uit te halen. Toen ze dat rond de middag dan ook wilde doen, protesteerde je, en zei je dat ze helemaal geen pijn deden. Pas na enig aandringen mocht ze ze er toch uithalen. Op vrijdag weigerde je resoluut: je vond ze goed en ze moesten blijven. Ze heeft ze dan ook maar laten zitten, en sindsdien draag je ze onafgebroken.
Het is ons wel opgevallen dat je zekerder stapt, en dat je ook minder valt. Wellicht voel je zelf ook de stabiliteit die ze jou geven. Ik ben in elk geval dolbij dat je ze accepteert, en dat we dus de mogelijkheid krijgen jouw voeten te corrigeren.
Lieve lieve schat van me!