Onthaalmoeder
Zondag heb je voor het eerst het een hele namiddag zonder mama en papa moeten stellen. Gelukkig waren er waardige vervangers: opa Jeroom en Omaly kwamen op jou passen, en ze deden het maar wat graag ! Wij moesten naar het feest voor het zestigjarige huwelijksjubileum van omoe en opoe (zo noemen Margot en Maud hen, dus ik neem dat maar over), en het zou niet erg praktisch geweest zijn met jou erbij. Omaly was zo trots als wat dat ze jou je worteltjes mocht voeren en dat jij enthousiast toehapte. Het fruit was heel wat minder, maar dat was te verwachten. Opa heeft ongelofelijk veel met je gespeeld, en jij genoot van alle aandacht.
Maandag was dan weer een grote stap: vanaf nu ga je officieel naar de onthaalmoeder, Nice. Drie dagen per week ontfermt zij zich over jou en nog vier andere kinderen. Ik was maar wat trots toen ze zei dat één van de andere jongens, Wout, vier dagen jonger is dan jij maar nog helemaal niet zit. Verder was ze nog steeds opgetogen over jou: je bent rustig, je zit braaf te spelen, en je eet echt wel goed. Alleen dat slapen zit er nog steeds niet in: als je drie kwartier in de voormiddag slaapt, en een uurtje na de middag, dan is dat voor jou doodnormaal. Soms kan je wel eens twee uur slapen, maar da’s eerder uitzondering dan regel. Het zorgt er dan natuurlijk wel voor dat je tegenwoordig rond zeven uur in je bedje verzeilt, en dat je dan slaapt tot zeven uur ’s morgens (met uiteraard een ‘lunchpauze’). Zo hebben papa en ik heerlijk rustige avonden, al zijn die al een pak korter geworden dan vroeger, sedert jij ons ’s nachts een paar keer uit onze slaap haalt.
Vandaag hebben we allebei genoten van onze dag, heb ik de indruk. Het was stràlend weer: een staalblauwe lucht, volop zonneschijn (maar gelukkig niet meer die brandende zomerzon), een heerlijk briesje en een temperatuur van rond de 27°. Toen ik tegen de middag uit school thuiskwam, was papa net een poging aan het ondernemen jou eten te geven. Jij zag dat duidelijk niet zitten, stribbelde tegen en was aan het huilen. Tot je mij zag. Zodra ik je overnam, kalmeerde je, en zonder tegensputteren heb je je groentjes opgegeten. Daarna heb ik ons buiten geïnstalleerd. Jij gezeten onder de luifel op je speeldeken, druk in de weer met speelgoed allerhande, ik op een tuinstoelkussen aan het verbeteren, en de hond er vrolijk tussenin. Dat jij zo zot kan zijn van dat beest ! Je mag nog aan het huilen zijn, van zodra je Catullus in het vizier krijgt, begin je uitbundig met armen en voeten te zwaaien, te kraaien en in zijn richting te bewegen. Gelukkig is het enthousiasme wederzijds: hij doet niets liever dan je handjes en voetjes aflikken, en als hij de kans krijgt, je snoetje. Rond een uur of zes ’s avonds heeft papa zich dan bij ons gevoegd voor een wandeling langs het kanaal met de hond. Ik dacht dat je onmiddellijk in slaap zou zijn gevallen in je buggy, maar er viel veel te veel te bekijken, niet in het minst de gedragingen van de uitbundig snuffelende hond. Daardoor viel je, toen ik je na je avondeten in bed stopte, quasi dadelijk in slaap: je was gewoon afgepeigerd. En toch zijn het deze dagen die de moeite waard blijken. Alleen zo verschrikkelijk jammer dat jij die onherroepelijk vergeet…
Comment by Sinterklaas
October 30, 2006 @ 8:11 pm
Wat willen jullie van Sinterklaas hebben, omdat jullie zo zoet hebben gespeeld.