Kind en Gezin

Gecategoriseerd onder: Gewoon verslag — Mama om 4:48 pm op Sunday, February 29, 2004

Als alles normaal was verlopen, kleine muis, dan was je vandaag geboren, op een schrikkeldag. Ik ben blij dat ik je al 17 dagen in mijn armen mag houden, weet je ? Het voelt nog steeds aan als een voorrecht.
We hebben een paar drukke dagen achter de rug, Wolf. Al trek jij je daar nog steeds niks van aan: als er moet geslapen worden, dan moet er simpelweg geslapen worden, en niks zal je tegenhouden. Nunc dormiendum est. Of de hond nu blaft, er bezoek komt dat aan je kaakjes kriebelt, er gestofzuigd wordt onder je wieg: niks kan je deren. Heerlijk toch, de slaap der onschuldigen ? Bijvoorbeeld ook toen donderdag de dame van Kind en Gezin langskwam: je sliep zo zalig dat ze je niet wilde wakkermaken. Ze heeft een hoop goede raadgevingen achtergelaten voor mama en papa, en ons op een aantal punten ook gerustgesteld: je gedroeg je helemaal als een doodnormale baby. Wegen was niet nodig, aangezien ik zelf een weegschaal heb staan, en dus wel degelijk weet dat je aankomt en groeit. 3.400 gram woog je vrijdag. Niet slecht voor eentje dat te vroeg is geboren.
Vrijdag was een rustige dag, voor jou toch. Buiten sneeuwde het met pakken tegelijk, heel het land was in chaos, en jij sliep prinsheerlijk. ’s Namiddags ging ik dan langs bij de gynaecoloog (de man die jou ter wereld heeft helpen brengen), en toen bleek dat er een stukje van de moederkoek was achtergebleven in mijn baarmoeder, en dat ik de volgende dag wéér eens een dagje het ziekenhuis in mocht. Nou ja, moest. Voor jou was het een thuismatch: terug naar de plaats waar je de eerste vijf dagen van je prille leventje doorbracht. Niet dat je daar iets van gemerkt hebt: zoals gewoonlijk sliep je. Papa hield je bij zich toen ik onder het mes ging, en aangezien je net eten had gekregen, vond je dat een prima regeling.
’s Avonds waren we weer thuis, en niks was veranderd voor jou. Je keelde net zoals altijd toen je in bad moest, en het eten na afloop bleek -net zoals altijd- een grote troost te zijn. Blijkbaar heb je nu minder last met de melk, want de laatste dagen zijn het overgeven en de krampjes geminderd, en slaap je ook ’s nachts rustig. Je wil wel uiteraard nog je nachtvoedingen.
Overdag kan je nu gefascineerd liggen kijken naar je zwart-wit-mobiel. Kind en Gezin had gezegd dat vanaf een week of vier zo’n contrastmobiel heel stimulerend kan werken, dus heb ik er eentje opgezocht op het net, het patroon afgeprint, en is mama aan het ouderwetse knutselen geslagen. Karton, schaar, lijm, papier, draadjes… Papa en ik waren dan ook stomverbaasd toen hij voor de lol een van de patroontjes voor je neus hield, en jij die donkerblauwe ogen van je wijd opensperde en als gebiologeerd aan het staren sloeg. Je ogen volgden de beweging van het patroon, al na twee weken ! We hadden niet verwacht dat je er al op zou reageren, maar des te beter. Zo lig je je niet te vervelen in je wiegje, wanneer je wakker ligt en je verhalen vertelt.

Ach Wolfje, ik zou de maan halen voor je, als dat je zou interesseren. Alleen zou je het dan even zonder borstvoeding moeten stellen, en ik denk dat zelfs jij al je prioriteiten weet te stellen, nee ?

Gecategoriseerd onder: Eetperikelen, Gewoon verslag — Mama om 4:49 pm op Thursday, February 26, 2004

Je doet het al beter: deze keer hebben we je bedje, je trappelzak en je kleertjes al om 0.30u kunnen verversen. Hoi.

Gecategoriseerd onder: Eetperikelen, Gewoon verslag — Mama om 4:50 pm op Wednesday, February 25, 2004

Het was blijkbaar een lastig dagje voor je, en ook de voorafgaande nacht liep niet van een leien dakje. Ik hoop, lieve Wolf, dat we niet elke dag om 1.30u je bed, je trappelzak en je kleertjes gaan moeten verversen omdat jij het nodig vond zowat een halve liter melk (overdrijving in de stijl van je overgrootvader) erover te gaan verspreiden. Papa en ik stonden erbij, keken ernaar, zuchtten, en verversten. En gelukkig sliep jij. Al bleek het ook niet de hele nacht te zijn: je dronk rond een uur of vier, zoals gewoonlijk, maar hield daarna nog een hele vertelsessie. Het zal best interessant geweest zijn, maar kon je geen ander uur kiezen ? Gelukkig lag papa er niet wakker van, zodat die fluks rond een uur of acht onder de douche sprong, en jou na nog maar een voeding bij zich nam in het kantoor. Volgens hem ben je een van de meest toegewijde werkers waar een baas maar van kan dromen: je doet wat van je verwacht wordt, en verder hoor je je niet. Prachtig, toch ? Vooral omdat ik ondertussen nog een paar uur kon slapen.
Enfin, rond de middag verzeilden we dan - en jij was wel degelijk mee, ondanks de koude - bij oma en opa. Ik dacht op een gegeven moment dat er iets mis was met jou, want opa heeft geloof ik een kwartier non-stop naar jou staan kijken, een compleet vertederde blik in zijn ogen. Bij nadere inspectie bleek alles toch prima in orde, al riep het quasi identieke gedrag van ome Jeroen toch weer twijfels op.
Ook hier deed je wat van je verwacht werd: je sliep, trok gekke gezichten, maakte rare geluidjes, maakte een broek vuil, dronk en maakte prompt wéér een broek vuil, en sliep, bij voorkeur op papa’s buik. Ik weet eerlijk gezegd niet goed wie daar het meeste van geniet: de grote Waele, of het kleintje. De gezichten waren om ter vergenoegdst.
Daarna gingen we je op aanvraag nog even tonen aan je overgrootmoeder, die blijkbaar ook niet genoeg kan krijgen van haar enige achterkleinkind. Ze was vreselijk bezorgd dat je in die sneeuwbuien toch maar geen kou zou krijgen, ook al was je ingepakt als een fatsoenlijk worstenbroodje: hemdje, pulletje, vestje, fleece vest met kapje, deken van de maxi cosi. Je was toch zo klein en toch zo kwetsbaar, vond ze. Ze heeft je duidelijk nog niet horen kelen. Komt nog wel, vermoed ik. Kan ze vertederd glimlachen en verkondigen dat je wel degelijk een halve Rombaut bent…

Welkom

Gecategoriseerd onder: Lang verhaal, Mijlpaal — Mama om 4:50 pm op Tuesday, February 24, 2004

Lieve kleine Wolf van me,

je bent nu twaalf dagen oud, en echt een deel van ons geworden. Jij voelt je blijkbaar thuis, en ook papa en ik zijn helemaal gewoon aan jouw aanwezigheid hier. Daarom wordt het onderhand tijd - nu de eerste emoties zijn weggeëbd - om je te vertellen hoe je eerste dagen zijn verlopen, en zelfs hoe jij tot stand kwam, want ook dat was niet vanzelfsprekend. Hoe kan het ook anders, techneuten als mama en papa zijn, dat er ook hier enig technisch kunst- en vliegwerk aan te pas kwam.

Het begin: de zwangerschap

Je raadt het al, kleine muis, een spontane conceptie was er niet bij. Na vier vruchteloze pogingen, evenveel hormonenoverlast en telkens weer de teleurstelling, kwam bij de vijfde poging in vitro fertilisatie dan toch eindelijk het verlossende woord: ik was zwanger ! Papa en ik bleven er heel nuchter onder, we durfden nauwelijks te hopen dat het eindelijk, na vijf jaar, zou lukken… Maar toch: je bleef, en je groeide !

Je begon het leven als een speldenkop in het witte vlak (27/06)

Twee maanden heb je me toen het leven zuur gemaakt: de hele zomervakantie lag ik uitgeteld in de zetel, te ziek om op mijn benen te staan. Ik had het ervoor over, muisje, maar op het moment zelf had ik het behoorlijk lastig, vraag maar aan je vader ! Net op tijd voor de herexamens en het nieuwe schooljaar gaf je me weer wat ademruimte. Ook de echo’s bij de dokter waren prachtig om te zien: je groeide, je hartje klopte, en je bewoog !

Na een week was je een erwt van 4 millimeter. (07/07)

Na een maand gingen we voor de scampi ! (28/07)

Nog een maand later zagen we armpjes en handjes (25/08)

We wisten niet waar we het hadden, je bleek wel degelijk echt ! Op school wist nog bijna niemand van je bestaan af, en ik kon het wonderwel verbergen, aangezien je me in de vakantie 9 kilo had doen vermageren. Mijn beginnend buikje viel niemand op, en ik stond opnieuw stevig op mijn benen. Bij de dokterscontroles bleek dat je heel erg goed groeide en zelfs voor zat op je ontwikkeling. De echo’s werden minder interessant: je kon er niet helemaal meer op.
De bevalling was uitgerekend voor 29 februari (jawel), maar al vrij vlug zei dokter Ingels dat je het zo lang niet ging uithouden: je groeide te enthousiast ! Kort na de kerstvakantie kreeg ik trouwens van hem te horen dat hij liever had dat ik stopte met lesgeven: ik had lichte contracties, maar jij was nog lang niet klaar om zelfstandig te overleven op deze wereld. Met spijt in het hart verliet ik dus de school, zelfs zonder afscheid te nemen van mijn leerlingen. Het was het risico echter niet waard: jij was veel belangrijker.
Nog een paar weken later bleek dat jij je een weg vrat door mijn reserves, en dat mijn rode bloedlichaampjes een alarmerend laag peil bereikt hadden. Je was er klaar voor, drie weken vroeger dan voorzien, en daarom gingen we je maar een handje helpen deze wereld te betreden.

De bevalling

Woensdagavond 11 februari ging ik met een bang hartje de materniteit binnen. Gelukkig was je papa bij me, want ik weet niet wat ik anders had gedaan. Ik kon echter niet terug, je moest er nu eenmaal uit ! Op de monitor bleek dat alles nog steeds prima in orde was, je harttonen gingen alle kanten uit. Zelf kreeg ik ‘baarmoederhalsverwekende’ middelen toegediend, want 3 cm ontsluiting was er al. Niet dat ik er iets van voelde, ik kon zelfs rustig slapen. Papa was naar huis gegaan, maar ik vermoed dat hij net iets minder rustig geslapen heeft. In elk geval stond hij terug aan mijn zijde tegen 7.00u: net op tijd voor nog een monitor. Tegen een uur of acht werden dan mijn vliezen manueel gebroken. Bizar gevoel: je voelt plots het warme water stromen, en je kan daar niks aan doen. Voor jou werd het op dat moment waarschijnlijk ook menens. In elk geval hing ik tegen kwart over acht tegen het plafond: de weeën ! Ik heb me laten wijsmaken - ik kan niet vergelijken - dat bij een normale, niet ingeleide geboorte de weeën geleidelijk aan komen, zowel in tijd als in sterkte. Niet zo in dit geval: meteen volle sterkte, en om de minuut ! Ik was meteen uitgeput, en de epidurale kon niet snel genoeg komen. Wist ik veel of die weeën nog gingen toenemen in sterkte of niet… Mijn grote troef was jouw papa: die hield mijn hand vast, en vertelde me kalm te blijven en te blazen. Het woord ‘zen’ is nogal frequent gevallen, geloof ik. Dankzij hem viel het allemaal al bij al nog mee, zeker toen de epidurale verdoving begon te werken, de pijn verdween, en ik enkel nog de druk voelde. Die nam wel toe in intensiteit, tot het eigenlijk ook absoluut niet leuk meer was. Jij bleek met je hoofdje op mijn bekken te duwen, klaar om de wereld te veroveren.
Rond een uur of elf werd ik de verloskamer binnengereden, Ingels werd opgebiept, en ik mocht beginnen persen. Sheezes, niet zo vanzelfsprekend als het lijkt ! Alle kracht die ik nog in mijn lijf had, werd ingezet, ik blies, piepte en gromde. Je vader lacht er nu nóg mee, als hij denkt aan het gezicht dat ik toen trok. Zijn hint: ‘Denk dat je in de rugby in de scrum staat’ hielp wonderwel, en dagen later had ik nog stijve spieren in mijn armen door het trekken aan de beugels. Maar jij was op komst, en papa vond het een wonder: hij had je hoofdje al gezien en vond het prachtig (niks flauwvallen of schrik voor bloed !). Met een laatste oerkreet was je er eindelijk, en plompverloren werd je op mijn borst gelegd. Ik wist niet waar ik het had… Een mensje… Een klein blauw mensje, onder het bloed en het slijm… Mijn mensje… Mijn kind… Mijn zoon… Wolf !

Je vader kon geen woord uitbrengen, net zo min als ik, en stond gewoon te blinken. Je was… prachtig ! Je had warempel zelfs tien vingertjes en tien teentjes, en een hele kop haar !
Heel even namen ze je weer mee voor de eerste plichtplegingen: je werd ‘gestofzuigd’, gewogen tot een 3 kilo 290 gram, en gemeten als zijnde 48.5 cm. Met je longen bleek alles in orde, afgaand op de decibels die je produceerde tijdens dat onderzoek. Je stem was er duidelijk eentje van de Rombauts.

Even later kreeg ik je terug, gewikkeld in een reeks doeken, nog onder het smeer - dat zou er nog 24 uur blijven zitten, blijkt heel gezond te zijn - maar je was perfect. Ook je papa hield je in zijn armen, en zo zacht heb zelfs ik hem nog nooit zien kijken. Kleine Wolf, je kan niet beseffen hoe welkom je was, en hoe graag we je zagen vanaf de eerste minuut !

Je eerste dagen

Oma’s, opa’s, nonkels en ander gespuis werden telefonisch verwittigd, en overal werden diepe zuchten van verlichting geslaakt. Happen gingen weer door de keel, aan het nerveus gedrentel kwam een einde, en depressieve buien sloegen om in euforie. Er was een De Waeleke bij, en hij was gezond !
Omaly en Opa Jeroom zagen het niet zitten om nog dezelfde dag te komen, oma Annemie en opa Koen konden er niet snel genoeg staan. Klokslag 15.00u, zoals ze gezegd hadden - is in geen tien jaar voorgekomen dat mijn vader op tijd was - stonden ze in de kamer, terwijl ik net wakker werd en ook jij een keel openzette. Opa glom en blonk en straalde: er was hem een kleinzoon geboren ! Zowat een uur lang heeft hij gewoon in een stoel gezeten terwijl hij naar jou keek. Meer moest dat echt niet zijn. Ook je oma straalde, en onderstreepte dat zoals gewoonlijk door honderduit te babbelen. Ze waren gelukkig.
’s Avonds was het dan de beurt aan je nonkels om langs te komen, vergezeld door enige flessen champagne en zelfs de juiste glazen - nooit geweten dat mijn broers zo attentvol waren. Met zijn drietjes - je papa dronk niet, ik al helemaal niet, en Sarah hooguit twee glaasjes - hebben ze twee flessen uitgekuist, met de nodige jolige gevolgen. Peter Jeroen voelde zich al thuis in de rol van papa, ook Roeland zag het helemaal zitten. Peter Koen daarentegen reageerde nogal onwennig op het kleine mormeltje in zijn armen, en zuchtte dan ook opgelucht toen papa je opnieuw overnam. Sarah was ronduit vertederd en wou je al meenemen. Niks van, hoe ging je dan eten ?

Want dat was voor jou al dadelijk een uitgemaakte zaak: mama had je eten bij, en dan nog in geschenkverpakking, zoals papa het stelde. Van borstvoedingsproblemen was helemaal geen sprake: je hapte naar een tepel alsof het de normaalste zaak van de wereld was, en met je zuigreflex was ook al niks mis. Resultaat: twee pijnlijke tepels, en na 12 dagen een Wolfje dat al boven zijn geboortegewicht staat. Yep, de eetlust had je van zowel papa als mama geërfd.

In de daaropvolgende dagen in het ziekenhuis zag je nog een reeks mensen de revue passeren, en je bleef er stoïcijns kalm onder: niks kon je rust verstoren als je eenmaal sliep, en zelfs als je wakker was, lag je rustig rond te kijken, met je handen te wapperen en geluidjes te maken. Want dat heb je van je moeder: je kan nu al vertellen als de beste ! Ganse verhalen stijgen op uit de wieg, tot grote verbazing van Catullus. Die weet nog steeds niet wat hij met dat jong aanmoet, en wil perse snuffelen en aan je hoofdje likken. Ik denk, lieve Wolf, dat je opgenomen bent in het roedel van onze hond, zonder meer.

Je overgrootmoeder van opa Koens zijde kwam al in het ziekenhuis een kijkje nemen, en het verdict was snel duidelijk: je was een ’schoontjen’. Het woord ‘apetrots’ was ook hier op zijn plaats. Je zal het maar meemaken: 6 kinderen, 13 kleinkinderen, en pas op je 92ste een eerste achterkleinkind. Je andere overgrootouders - oma Annemie’s ouders - kwamen pas vorige donderdag langs, toen je al thuis was en het iets rustiger bleek. Ook voor hen was het de eerste achterkleinzoon, naast de twee schattige dochterjes van Sepp en Sofie, en ook zij gingen meteen voor jouw charmes voor de bijl. Vandaag is - net zoals gisteren en vorige week - opa Jeroom weer langsgeweest. Natúúrlijk zijn die hekjes nodig, en moeten ze in orde gezet worden, maar ik verdenk hem er toch stiekem van jou te willen zien. Volgens hem ben je al veranderd. Ik zou het niet weten, ik kijk veel te graag en te vaak naar jou om dat te kunnen zien.

Wolfje, lang heb ik me afgevraagd of ik het wel zou kunnen, mama zijn, een kind opvoeden, de verantwoordelijkheid over zo’n nieuw klein mensje dragen. Lang heb ik getwijfeld. En toen hield ik jou in mijn armen, en toen wist ik het. Samen met jouw papa kan ik de wereld aan. Waarom zou ik jou dan niet kunnen voorbereiden op diezelfde wereld ?

Welkom, kleine Wolf.